Wet regeling ouderlijk gezag op minderjarige Koning 2013

Huidige tekst

Artikel 7 Wet regeling ouderlijk gezag op minderjarige Koning 2013

Geldt sinds 18 december 2013

  1. 1

    De in de artikelen 345, 346, 348 en 350 tot en met 357 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek omschreven taken en bevoegdheden van de rechter worden uitgevoerd en uitgeoefend door het College.

  2. 2

    Het College wordt gehoord bij de keuze van de opvoeders en leraren van de minderjarigen.

  3. 3

    Buitenlands verblijf van de minderjarigen met een te verwachten duur van langer dan twee maanden is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van het College.

  4. 4

    Bij verhindering of ontstentenis van Onze voornoemde echtgenote vervult het College haar taak totdat de verhindering of de ontstentenis is geëindigd, dan wel totdat bij wet in de voogdij over de uit Ons huwelijk geboren minderjarige kinderen is voorzien.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.