Wet op het BTW-compensatiefonds

WBc

Huidige tekst

Artikel 1 WBc

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    In deze wet en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder: a.Onze Minister: Onze Minister van Financiën; b.BTW-richtlijn 2006: Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (PbEU 2006, L 347); c.publiekrechtelijk lichaam: een provincie, dan wel een gemeente; d.regionaal openbaar lichaam: een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 20, derde lid, van de Wet personenvervoer 2000; e.omzetbelasting: de belasting die wordt geheven in de lidstaten van de Europese Unie krachtens de nationale wetgeving die is gebaseerd op de BTW-richtlijn 2006, alsmede de belasting die het karakter van een omzetbelasting heeft en krachtens de nationale wetgeving wordt geheven in de EVA-staten genoemd in artikel 2, onderdeel b, van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte; f.bijdrage: bijdrage aan een publiekrechtelijk lichaam of regionaal openbaar lichaam ter financiering van uitgaven inzake omzetbelasting onder bij deze wet te stellen voorwaarden; g.tijdvak: kalenderjaar waarin het recht op bijdrage of de verschuldigdheid ervan ontstaat; h.fonds: het BTW-compensatiefonds; i.uitkeringsjaar: het kalenderjaar waarover het recht op uitkering ontstaat; j.de inspecteur: de inspecteur van de rijksbelastingdienst die bevoegd is voor de heffing van de omzetbelasting ten aanzien van een publiekrechtelijk lichaam of regionaal openbaar lichaam waarop deze wet van toepassing is.

  2. 2

    Voorzover niet anders is bepaald, hebben de begrippen die in deze wet en de daarop berustende bepalingen worden gebruikt en die zijn ontleend aan de Wet op de omzetbelasting 1968, dezelfde betekenis als de begrippen in die wet en de daarop berustende bepalingen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:699Parket bij de Hoge Raad, 29 juni 2022 (belastingrecht)

    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 29 juni 2022 met de rolnummers: 21/03143, 21/03144, 21/03147, 20/03879

  • ECLI:NL:HR:2020:1273Hoge Raad, 10 juli 2020 (belastingrecht)

    Bijdrage uit het BTW-compensatiefonds; art. 4, lid 1, aanhef en letter a, Wet op het BTW-compensatiefonds; Wet werk en bijstand; Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers; re-integratiediensten…

  • ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2456Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 4 januari 2007 (belastingrecht)

    Naar het oordeel van het Hof kan de Inspecteur een in bezwaar niet-ontvankelijk geschrift niet anders afwijzen dan bij een voor beroep vatbare uitspraak, omdat alleen dan een belanghebbende de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.