Wet op de zorgtoeslag

Wzt

Huidige tekst

Artikel 2 Wzt

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Indien de normpremie voor een verzekerde in het berekeningsjaar minder bedraagt dan de standaardpremie in dat jaar, heeft de verzekerde aanspraak op een zorgtoeslag ter grootte van dat verschil. Voor een verzekerde met een partner wordt daarbij tweemaal de standaardpremie in aanmerking genomen; in dat geval worden de verzekerde en zijn partner voor de toepassing van deze wet geacht gezamenlijk één aanspraak te hebben.

  2. 2

    De normpremie bedraagt een percentage van het drempelinkomen in het berekeningsjaar, vermeerderd met een percentage van het toetsingsinkomen van de verzekerde in dat jaar voorzover dat toetsingsinkomen het drempelinkomen te boven gaat. Voor een verzekerde met een partner wordt daarbij het gezamenlijke toetsingsinkomen in aanmerking genomen.

  3. 3

    De percentages worden voor verzekerden met een partner vastgesteld op 4,289% van het drempelinkomen, vermeerderd met 13,730% van het toetsingsinkomen voor zover dat boven het drempelinkomen uitgaat en voor een verzekerde zonder partner op 1,912% van het drempelinkomen, vermeerderd met 13,730% van het toetsingsinkomen voor zover dat boven het drempelinkomen uitgaat. Deze percentages kunnen bij algemene maatregel van bestuur worden gewijzigd.

  4. 4

    In afwijking van het eerste lid bedraagt de aanspraak op een zorgtoeslag voor een verzekerde met een partner die geen verzekerde is, vijftig procent van het op grond van het eerste lid berekende bedrag.

  5. 5

    De aanspraak op een zorgtoeslag wordt voor iedere kalendermaand afzonderlijk bepaald.

  6. 6

    Bij regeling van Onze Minister kunnen omtrent het bepaalde in het vijfde lid nadere regels worden gesteld.

  7. 7

    De voordracht voor een krachtens het derde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan twee weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2020:746Hoge Raad, 17 april 2020 (civiel recht)

    WSNP. Vaststelling vrij te laten bedrag (art. 295 Fw), beslagvrije voet (art. 475d lid 4 (oud) Rv). Is de rechter-commissaris bevoegd niet met de daadwerkelijk te betalen zorgverzekeringspremies…

  • ECLI:NL:PHR:2020:117Parket bij de Hoge Raad, 4 februari 2020 (civiel recht)

    WSNP. Vaststelling vrij te laten bedrag (art. 295 Fw), beslagvrije voet (art. 475d lid 4 (oud) Rv). Is de rechter-commissaris bevoegd niet met de daadwerkelijk te betalen zorgverzekeringspremies…

  • ECLI:NL:PHR:2013:BY7007Parket bij de Hoge Raad, 22 maart 2013 (civiel recht)

    Alimentatie; Wet werk en bijstand, art. 22 en 25. Berekening draagkrachtloos inkomen. Was hof gehouden daarbij de hogere bijstandsnorm voor 65-plussers tot uitgangspunt te nemen?

  • ECLI:NL:PHR:2009:BJ7537Parket bij de Hoge Raad, 30 oktober 2009 (insolventierecht)

    WSNP. Hoger beroep tegen beslissing op verzoek tot verhoging van de ingevolge art. 295 lid 2 F van rechtswege buiten de boedel vallende beslagvrije voet (als bedoeld in art. 475 Rv.) ten onrechte…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:2686Rechtbank Overijssel, 21 mei 2026 (belastingrecht)

    Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen; Uitvoeringsregeling Awir; Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990; persoonlijke betalingsregeling; beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBNNE:2025:5659Rechtbank Noord-Nederland, 24 december 2025 (bestuursrecht)

    Persoonlijke betalingsregeling voor meerdere terugvorderingen van toeslagen. Verweerder heeft het maandelijkse aflossingsbedrag op juiste wijze vastgesteld. Beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RVS:2025:6160Raad van State, 17 december 2025 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 4 november 2022 heeft de Dienst Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over 2021 vastgesteld op nihil. Wijlen [appellant] ontving gezamenlijk met zijn echtgenote wijlen [echtgenote]…

  • ECLI:NL:RBNNE:2025:2859Rechtbank Noord-Nederland, 9 juli 2025 (bestuursrecht)

    Varia. Toeslagen. Ongegrond beroep tegen het vastgestelde maandelijkse termijnbedrag van de terugbetalingsregeling. Verweerder heeft de betalingscapaciteit van eiser op de juiste wijze berekend. Het…

100 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.