Wet militair tuchtrecht

WMT

Huidige tekst

Artikel 80h WMT

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De gestrafte wordt door of namens de beklagmeerdere schriftelijk opgeroepen voor het onderzoek op beklag. Dit onderzoek vangt niet eerder aan dan op de tweede dag na de dag waarop de oproeping aan de gestrafte is uitgereikt, tenzij de gestrafte om eerdere behandeling verzoekt. Artikel 62 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor beschuldiging wordt gelezen oproeping.

  2. 2

    De beklagmeerdere roept de commandant, de getuigen en deskundigen op wier verschijning hij nodig oordeelt.

  3. 3

    De gestrafte en zijn vertrouwensman kunnen verzoeken dat ook andere getuigen en deskundigen worden gehoord. De beklagmeerdere voldoet aan dit verzoek, tenzij het onderzoek daardoor wordt geschaad of het verzoek kennelijk onredelijk is.

  4. 4

    Artikel 65, derde, vierde en vijfde lid, is van toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2017:3004Rechtbank Gelderland, 2 juni 2017 (strafrecht)

    De Militaire Kamer in de rechtbank Gelderland behandelt strafzaken, waar ook ter wereld begaan, waarvan Nederlandse militairen verdacht worden. Daarnaast is de Militaire Kamer de hoogste…

  • ECLI:NL:RBARN:2012:BY8435Rechtbank Arnhem, 28 december 2012 (strafrecht)

    Tuchtzaak. De militaire kamer heeft een uitspraak op het beklag van een militaire instructeur tegen een geldboete vernietigd.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.