Wet militair tuchtrecht

WMT

Huidige tekst

Artikel 51 WMT

Geldt sinds 1 juli 2013

  1. 1

    Het tuchtproces in eerste aanleg vangt aan met de uitreiking door of namens de commandant aan de militair, van wie wordt vermoed dat hij een in deze rijkswet omschreven gedragsregel heeft geschonden, van een schriftelijk stuk, de beschuldiging, hetwelk een omschrijving inhoudt van deze schending.

  2. 2

    De commandant behoudt een afschrift van de beschuldiging.

  3. 3

    De datum van de uitreiking wordt aangetekend op het afschrift bedoeld in het voorgaande lid.

  4. 4

    Terzake van dezelfde gedraging kan slechts eenmaal een beschuldiging worden uitgereikt.

  5. 5

    Wijziging van de beschuldiging is voor de aanvang van het onderzoek mogelijk. In geen geval worden wijzigingen toegelaten die ten gevolge hebben dat de beschuldiging niet langer dezelfde gedraging in de zin van artikel 52, onder b zou inhouden. De wijziging wordt onverwijld, doch in ieder geval voor de aanvang van het onderzoek, aan de beschuldigde schriftelijk meegedeeld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:7674Rechtbank Gelderland, 29 september 2026 (strafrecht)

    Militaire tuchtzaak. De meervoudige militaire kamer vernietigt de beslissing van de beklagmeerdere waartegen beroep is ingesteld. De meervoudige militaire kamer stelt vast dat sprake is van meerdere…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6148Rechtbank Gelderland, 29 juli 2026 (strafrecht)

    De meervoudige militaire kamer bevestigt in een militaire tuchtzaak de beslissing van de beklagmeerdere waartegen beroep is ingesteld. Geen vormverzuimen en geen geslaagd beroep op een…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.