Wet internationale misdrijven

WIM

Huidige tekst

Artikel 9 WIM

Geldt sinds 1 april 2012

  1. 1

    Met gelijke straf als gesteld op de in § 2 en in artikel 1, vierde lid, bedoelde feiten wordt gestraft de meerdere die: a.opzettelijk toelaat dat een aan hem ondergeschikte een zodanig feit begaat; b.opzettelijk nalaat maatregelen te nemen, voor zover die nodig zijn en van hem kunnen worden gevergd, indien een aan hem ondergeschikte een zodanig feit heeft gepleegd of voornemens is te plegen.

  2. 2

    Met een straf van ten hoogste twee derde van het maximum van de hoofdstraffen, gesteld op de in § 2 en in artikel 1, vierde lid, bedoelde feiten, wordt gestraft hij die door zijn schuld verzuimt maatregelen te nemen, voor zover die nodig zijn en van hem kunnen worden gevergd, indien een aan hem ondergeschikte, naar hij redelijkerwijs moet vermoeden, een zodanig feit heeft gepleegd of voornemens is te plegen.

  3. 3

    Indien in het geval bedoeld in het tweede lid op het feit levenslange gevangenisstraf is gesteld, wordt gevangenisstraf opgelegd van ten hoogste vijftien jaren.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA8454Parket bij de Hoge Raad, 19 oktober 2007 (civiel recht)

    Beklag ex art. 13a Sv. bij Hoge Raad over niet-vervolging van oud-ministers Donner en Verdonk voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven als bedoeld in art. 76 RO rond de Schipholbrand…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.