Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden

Wdov

Huidige tekst

Artikel 7 Wdov

Geldt sinds 1 februari 2008

  1. 1

    De veroordeelde kan tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel, binnen veertien dagen na de dag waarop zijn celmateriaal is afgenomen onderscheidenlijk de dag waarop de mededeling, bedoeld in artikel 6, derde lid, is betekend, een bezwaarschrift indienen bij de rechtbank die in eerste aanleg vonnis heeft gewezen, dan wel de rechtbank in het arrondissement waar tegen de strafbeschikking verzet had kunnen worden gedaan. De zesde afdeling van Titel I van het Eerste Boek van het Wetboek van Strafvordering is van overeenkomstige toepassing.

  2. 2

    Het bezwaarschrift is met redenen omkleed.

  3. 3

    De rechtbank beslist zo spoedig mogelijk.

  4. 4

    Zolang tegen het bepalen en verwerken van zijn DNA-profiel een bezwaarschrift kan worden ingediend en zolang een ingediend bezwaarschrift niet is ingetrokken of daarop niet is beslist, wordt op basis van het celmateriaal van de veroordeelde geen DNA-profiel bepaald.

  5. 5

    Indien de rechtbank het bezwaarschrift gegrond verklaart, beveelt zij de officier van justitie ervoor zorg te dragen dat het celmateriaal van de veroordeelde terstond wordt vernietigd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:198Parket bij de Hoge Raad, 27 februari 2026 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang der wet. Verzoek tot vergoeding van kosten voor rechtsbijstand na afwijzing van vordering tenuitvoerlegging vervangende hechtenis bij vrijheidsbeperkende…

  • ECLI:NL:PHR:2024:763Parket bij de Hoge Raad, 12 juli 2024 (strafrecht)

    Vordering PG tot cassatie in het belang der wet. Uitleg van de maatstaf ‘de aard van het misdrijf’ als bedoeld in art. 2 lid 1 onder b Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. Deze maatstaf moet beperkt…

  • ECLI:NL:PHR:2020:346Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2020 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in het belang der wet. De P-G vraagt duidelijkheid omtrent de grondslag voor toewijzing van een verzoek ex art. 591a lid 2 (oud) Sv (m.i.v. 1-1-2020 art. 530 lid 2 Sv) inzake…

  • ECLI:NL:PHR:2020:162Parket bij de Hoge Raad, 18 februari 2020 (strafrecht)

    Vordering tot cassatie in belang der wet. Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. Dient een onderscheid te worden gemaakt tussen meerderjarige en minderjarige veroordeelden bij de beoordeling van een…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5790Rechtbank Overijssel, 16 september 2026 (strafrecht)

    De raadkamer is van oordeel dat een beroep op de uitzonderingsgronden niet kan slagen. Het bezwaar van veroordeelde is dus ongegrond.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:8747Rechtbank Amsterdam, 26 augustus 2026 (strafrecht)

    Beslissing artikel 7 DNA ongegrond, want geen sprake van uitzonderingssituatie.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:8752Rechtbank Amsterdam, 26 augustus 2026 (strafrecht)

    Beslissing verzoek ogv art. 7 Wet DNA ongegrond

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:7573Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11 augustus 2026 (strafrecht)

    Bezwaarschrift DNA, ongegrond

435 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.