Verordening op de advocatuur

Huidige tekst

Artikel 6.22 Verordening op de advocatuur

Geldt sinds 1 januari 2017

Eisen stichting derdengelden 1 De stichting derdengelden heeft statuten overeenkomstig het model, bedoeld in het tiende lid; de naam van de stichting bevat ten minste de woorden 'stichting', 'beheer' en 'derdengelden'. 2 De stichting derdengelden strekt tot een goede uitvoering van artikel 6.19. 3 De stichting derdengelden wordt voor geen ander doel gebruikt dan voor het beheer van derdengelden. 4 Indien de stichting derdengelden ontvangt, heeft de stichting daarvoor een bankrekening beschikbaar. Een stichting derdengelden die ter beschikking staat van meerdere kantoren, opent voor elk kantoor een afzonderlijke bankrekening, indien voor een kantoor derdengelden worden ontvangen. 5 Tot bestuurder van de stichting kunnen worden benoemd: a.advocaten; b.andere vrije beroepsbeoefenaren, indien het toegestaan is met hen een samenwerkingsverband aan te gaan; en c.accountants in de zin van artikel 1 van de Wet op het accountantsberoep. 6 Tot bestuurder van een stichting kunnen niet worden benoemd: a.stagiaires, met uitzondering van stagiaire-ondernemers die niet werken onder begeleiding van een bestuurder van de stichting; b.diegenen die onder verantwoordelijkheid werken van of ondergeschikt zijn aan een bestuurder van de stichting; c.diegenen die in dienst zijn bij het kantoor van een bestuurder van de stichting of bij het kantoor dat is aangesloten bij de stichting. 7 De stichting verbindt zich ertoe om de deken desgevraagd de informatie te verschaffen die op grond van de Advocatenwet of deze verordening wordt verlangd van advocaten. 8 De stichting wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door twee gezamenlijk handelende bestuursleden, van wie er ten minste een advocaat is. 9 Tussen de stichting en de advocaat of zijn kantoor is een overeenkomst gesloten overeenkomstig het model, bedoeld in het tiende lid. 10 De algemene raad kan modellen voor de statuten van de stichting derdengelden en voor de overeenkomst tussen de stichting en de advocaat of zijn kantoor vaststellen en kan bij wijzigingen van deze modellen bepalen wanneer bestaande statuten en overeenkomsten tussen de stichting en de advocaat of zijn kantoor moeten worden aangepast.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2021:532Hoge Raad, 9 april 2021 (civiel recht)

    Fiscaal verschoningsrecht (art. 53a AWR). Inlichtingenplicht advocaat als administratieplichtige derde (art. 47 AWR in verbinding met 52 lid 2, onder a en b, AWR). Strekt verschoningsrecht advocaat…

  • ECLI:NL:PHR:2020:136Parket bij de Hoge Raad, 7 februari 2020 (civiel recht)

    Vermogensrecht. Aansprakelijkheid advocaat. Advies tot omleiden geldbedrag via derdengeldrekening, waardoor pandrecht bank teniet gaat. Beroep op ontbreken causaal verband met schade van de bank…

  • ECLI:NL:GHSHE:2020:13Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 7 januari 2020 (civiel recht)

    Kort geding. AWR. Geheimhoudingsplicht en verschoningsrecht advocaat en stichting derdengelden terzake door de Belastingdienst verlangde informatie betreffende de vermogenspositie van een derde.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.