Verdrag van de Raad van Europa inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en de financiering van terrorisme

Huidige tekst

Artikel 21 Verdrag van de Raad van Europa inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en de financiering van terrorisme

Geldt sinds 16 mei 2005

Verplichting tot het treffen van voorlopige maatregelen 1 Elke Partij neemt op verzoek van een andere Partij die een strafrechtelijke procedure of een procedure tot van confiscatie heeft ingesteld, de noodzakelijke voorlopige maatregelen, zoals bevriezing of inbeslagneming, ter voorkoming van de verhandeling, overdracht of vervreemding van voorwerpen, die op een later tijdstip het voorwerp zouden kunnen vormen van een verzoek om confiscatie, of die van dien aard zijn, dat daarmede gevolg zou kunnen worden gegeven aan dat verzoek. 2 Een Partij die een verzoek om confiscatie heeft ontvangen overeenkomstig artikel 23, neemt, indien daarom wordt verzocht, de in het eerste lid van dit artikel genoemde maatregelen met betrekking tot voorwerpen die het onderwerp vormen van het verzoek, of die van dien aard zijn, dat daarmede gevolg zou kunnen worden gegeven aan dat verzoek.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.