Huidige tekst
Artikel 131 Verdrag tussen het Koninkrijk België, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, Lid-Staten der Europese Gemeenschappen, het Koninkrijk Denemarken, Ierland, het Koninkrijk Noorwegen en het Verenigd Koninkri
- 1
Vanaf 1 januari 1978 zijn de eigen middelen alsmede, in voorkomend geval, de bijdragen bedoeld in artikel 4, leden 2, 3 en 4, van het besluit van 21 april 1970, geheel verschuldigd door de nieuwe Lid-Staten, onder voorbehoud van de volgende bepalingen: a) de verhoging van het door iedere nieuwe Lid-Staat uit hoofde van eigen middelen en bijdragen voor het jaar 1978 te betalen aandeel in verhouding tot het voor 1977 verschuldigde aandeel, mag niet hoger zijn dan 2/5 van het verschil tussen het aandeel verschuldigd uit hoofde van eigen middelen en van bijdragen voor 1977 en het aandeel dat iedere nieuwe Lid-Staat zou hebben moeten betalen uit dienzelfden hoofde, voor hetzelfde jaar, indien dit aandeel was berekend volgens het voor de oorspronkelijke Lid-Staten vanaf 1978 door het besluit van 21 april 1970 voorziene stelsel; b) voor het jaar 1979 mag de verhoging van het aandeel van iedere nieuwe Lid-Staat in verhouding tot 1978 niet groter zijn dan de verhoging van 1978 in verhouding tot 1977.
- 2
De Commissie gaat over tot de voor de toepassing van dit artikel noodzakelijke berekeningen.