Huidige tekst
Artikel 10 Verdrag tussen het Koninkrijk België, de Bondsrepubliek Duitsland, de Franse Republiek, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, Lid-Staten der Europese Gemeenschappen, het Koninkrijk Denemarken, Ierland, het Koninkrijk Noorwegen en het Verenigd Koninkri
- 1
De nieuwe Lid-Staten verrichten, uiterlijk twee maanden na het tijdstip van toetreden, de stortingen die zijn voorgeschreven in artikel 5, lid 1, van de Statuten van de Ban k, zoals dit is gewijzigd bij artikel 3 van dit Protocol. Deze stortingen moeten geschieden in hun nationale valuta. Eén vijfde van de storting zal plaatsvinden in liquide middelen en de rest in de vorm van renteloos schatkistpapier; de betaling van deze rest, in vier gelijke delen, vervalt, respectievelijk negen, zestien, drieëntwintig en dertig maanden na het tijdstip van toetreding. Dit schatkistpapier kan geheel of gedeeltelijk vóór de vervaldatum worden afgelost, zulks in onderling overleg tussen de Bank en de betrokken nieuwe Lid-Staat. De betalingen in liquide middelen en de opbrengst van het schatkistpapier bij aflossing moeten vrij converteerbaar zijn.
- 2
De bepalingen van artikel 7 van de Statuten van de Bank zijn van toepassing op alle door de nieuwe Lid-Staten uit hoofde van dit artikel in hun nationale valuta verrichte stortingen. Alle aanpassingen betreffende nog niet afgelost schatkistpapier vinden plaats op de vervaldatum of op het tijdstip van vervroegde aflossing van dit papier.