Huidige tekst
Artikel 10 Verdrag tot instelling van het Caribisch Volksgezondheidsinstituut (CARPHA)
Taken van de raad van bestuur De raad van bestuur verricht de volgende taken: a.initiëren van of, naar gelang het geval, besluiten tot projecten teneinde de doelstellingen van CARPHA te verwezenlijken of te voldoen aan de aanwijzingen van de raad; b.goedkeuren van het strategisch plan voor CARPHA; c.instaan voor en medewerking verlenen aan de volledig open en onverwijlde uitwisseling van relevante informatie met betrekking tot de volksgezondheid tussen de leden en geassocieerde leden van CARPHA; d.bevorderen en samenwerken op het gebied van onderwijs, opleiding en publieksvoorlichting met betrekking tot de volksgezondheid en aanmoedigen van de ruimste mogelijke participatie in dit proces, mede door non-gouvernementele organisaties; e.bestuderen en, indien van toepassing, aannemen van het werkprogramma en de rapporten van het technisch secretariaat over de werkzaamheden van CARPHA; f.goedkeuren van de personeelsvoorschriften, het administratief beleid en de procedures van CARPHA; g.goedkeuren van de overeenkomstig artikel 14 door de directeur van de raad van bestuur te benoemen directeuren; h.instellen van het technisch adviescomité en goedkeuren van de benoeming van de leden van het technisch adviescomité in overeenstemming met artikel 11; i.toetsen en goedkeuren van de aanbevelingen en rapporten van het technisch adviescomité; j.bepalen van de middelen die nodig zijn voor de periodieke- en de kapitaalbegroting van CARPHA ter bestudering en goedkeuring door de raad; k.mobiliseren van middelen voor CARPHA en het technisch secretariaat opdragen de nodige onderzoeken en regelingen te entameren; l.monitoren van de besteding van de middelen van de periodieke- en de kapitaalbegroting van CARPHA teneinde te waarborgen dat deze middelen worden gebruikt in overeenstemming met dit Verdrag en het werkprogramma van CARPHA; m.goedkeuring van de auditors op aanbeveling van de directeur van de raad van bestuur en voorleggen van het jaarverslag van de auditors aan de raad ter bestudering en goedkeuring; n.de uitvoerend directeur machtigen overeenkomsten te sluiten met andere landen, internationale instanties en entiteiten; o.de hulporganen instellen die noodzakelijk kunnen zijn voor de uitvoering van zijn taken; p.monitoren van de implementatie van de transitie van de RHI’s in overeenstemming met dit Verdrag; q.opstellen en indienen van de rapporten en aanbevelingen bij de raad; en r.uitvoeren van andere taken die de raad van tijd tot tijd kan aanbevelen.