Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij

Huidige tekst

Artikel 10 Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij

Geldt sinds 29 juli 1932

De in artikel 3 bedoelde strafbare feiten zijn van rechtswege begrepen onder de gevallen, waarin uitlevering kan plaats hebben, in ieder tusschen de Hooge Verdragsluitende Partijen gesloten of te sluiten uitleveringsverdrag. De Hooge Verdragsluitende Partijen, die uitlevering niet afhankelijk maken van het bestaan van een verdrag of van een voorwaarde van wederkeerigheid, erkennen van nu af de in artikel 3 bedoelde feiten als gevallen, waarin onderling uitlevering kan plaats hebben. De uitlevering zal worden toegestaan overeenkomstig het recht van het land, waartoe de aanvraag gericht is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.