Terug naar alle wetten
Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij
Geldende tekst van alle 28 artikelen, ingedeeld volgens het BWB-wettenregister.
Inhoudsopgave
Part I
- Artikel 1De Hooge Verdragsluitende Partijen erkennen de in Deel I van dit Verdrag vervatte regels als het in de tegenwoordige…
- Artikel 2In dit Verdrag wordt onder het woord „munt” verstaan papiergeld, waaronder begrepen bankbiljetten, en metalen geld…
- Artikel 3Als gemeenrechtelijke delicten moeten worden bestraft:
- Artikel 4Ieder der in artikel 3 genoemde handelingen moet, indien zij in verschillende landen begaan zijn, als een afzonderlijk…
- Artikel 5Ten opzichte van de straffen mag geen onderscheid worden gemaakt ter zake van de in artikel 3 bedoelde delicten…
- Artikel 6Landen, die het beginsel van internationale recidive aanvaarden, erkennen, dat overeenkomstig de door hun nationale…
- Artikel 7Voor zoover het stellen van civiele partij door de binnenlandsche wetgeving toegelaten is, moeten buitenlandsche…
- Artikel 8In landen, die het beginsel van uitlevering van eigen onderdanen niet aanvaarden, moeten de onderdanen, die naar het…
- Artikel 9Vreemdelingen, die in het buitenland een in artikel 3 bedoeld feit hebben begaan en die zich binnen het gebied van een…
- Artikel 10De in artikel 3 bedoelde strafbare feiten zijn van rechtswege begrepen onder de gevallen, waarin uitlevering kan plaats…
- Artikel 11De valsche munt, alsmede de werktuigen en de andere voorwerpen, welke in artikel 3 onder 5°.
- Artikel 12In ieder land moeten de opsporingen op het gebied van valsche munterij binnen het kader van de nationale wetgeving door…
- Artikel 13De centrale bureaux der verschillende landen moeten rechtstreeks met elkander briefwisseling voeren.
- Artikel 14Ieder centraal bureau zal, voor zoover het zulks dienstig acht, aan de centrale bureaux der andere landen een stel…
- Artikel 15Ter verzekering, verbetering en ontwikkeling van de rechtstreeksche internationale samenwerking op het gebied van…
- Artikel 16De overmaking van rogatoire commissies met betrekking tot de in artikel 3 bedoelde strafbare feiten moet geschieden:
- Artikel 17De deelneming van een Hooge Verdragsluitende Partij aan dit Verdrag moet niet worden uitgelegd als inbreuk te maken op…
- Artikel 18Dit Verdrag laat het beginsel onaangetast, dat de in artikel 3 bedoelde feiten in ieder land, zonder dat daaraan ooit…
Part II
- Artikel 19De Hooge Verdragsluitende Partijen komen overeen, dat alle geschillen, welke tusschen haar zouden kunnen rijzen ten…
- Artikel 20Dit Verdrag, waarvan de Fransche en de Engelsche tekst beide als authentiek zullen gelden, zal de dagteekening dragen…
- Artikel 21Van 1 Januari 1930 af zal toetreding tot dit Verdrag kunnen geschieden namens ieder Lid van den Volkenbond of iederen…
- Artikel 22De landen, die bereid zijn het Verdrag overeenkomstig het tweede lid van artikel 20 te bekrachtigen of er toe krachtens…
- Artikel 23De bekrachtiging door een Hooge Verdragsluitende Partij of haar toetreding tot dit Verdrag sluit in, dat haar wetgeving…
- Artikel 24Behoudens verklaring van het tegendeel door een Hooge Verdragsluitende Partij bij de onderteekening, bekrachtiging of…
- Artikel 25Dit Verdrag zal slechts in werking treden, wanneer het zal zijn bekrachtigd of wanneer er toe zal zijn toegetreden…
- Artikel 26Iedere bekrachtiging of toetreding, die na de inwerkingtreding van het Verdrag overeenkomstig artikel 25 tot stand zal…
- Artikel 27Dit Verdrag zal namens ieder Lid van den Volkenbond of iederen Staat niet-Lid kunnen worden opgezegd door een…
- Artikel 28Dit Verdrag zal worden geregistreerd door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond op den datum van de…
Uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Omschrijvingen bij artikelen zijn redactioneel of de openingszin van het artikel. Dit is geen juridisch advies.