Verdrag inzake de internationale inning van levensonderhoud voor kinderen en andere familieleden

Huidige tekst

Artikel 50 Verdrag inzake de internationale inning van levensonderhoud voor kinderen en andere familieleden

Geldt sinds 23 november 2007

Relatie tot eerdere Haagse verdragen inzake de betekening en de kennisgeving van stukken en de verkrijging van bewijs Dit Verdrag laat onverlet het Verdrag van ’s-Gravenhage van 1 maart 1954 betreffende de burgerlijke rechtsvordering, het Verdrag van ’s-Gravenhage van 15 november 1965 inzake de betekening en de kennisgeving in het buitenland van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en in handelszaken, en het Verdrag van ’s-Gravenhage 18 maart 1970 inzake de verkrijging van bewijs in het buitenland in burgerlijke en in handelszaken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.