Verdrag betreffende veiligheid bij het gebruik van asbest

Huidige tekst

Artikel 17 Verdrag betreffende veiligheid bij het gebruik van asbest

Geldt sinds 15 september 2000

  1. 1

    Het afbreken van installaties of bouwwerken die isolatiematerialen met bros asbest bevatten, en het verwijderen van asbest uit gebouwen of bouwwerken waarbij het risico bestaat dat asbest met de lucht wordt meegevoerd, dienen alleen te worden ondernomen door werkgevers of aannemers die door de bevoegde autoriteit zijn erkend als gekwalificeerd voor het uitvoeren van dergelijk werk in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag en die tot het uitvoeren van dergelijk werk zijn gemachtigd.

  2. 2

    De werkgever of aannemer dient te worden verplicht, alvorens met het afbreekwerk te beginnen, een werkplan op te stellen waarin de te treffen maatregelen worden gespecificeerd, met inbegrip van maatregelen om: a.alle noodzakelijke bescherming aan de werknemers te verschaffen; b.het vrijkomen van asbeststof in de lucht te beperken, en c.voor de afvoer van afval dat asbest bevat te zorgen overeenkomstig artikel 19 van dit Verdrag.

  3. 3

    De werknemers of hun vertegenwoordigers dienen te worden geraadpleegd over het werkplan waarnaar in het tweede lid van dit artikel wordt verwezen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.