Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen

Huidige tekst

Artikel 16 Verdrag betreffende uitkeringen bij invaliditeit en ouderdom en aan nagelaten betrekkingen

Geldt sinds 27 oktober 1970

  1. 1

    Tot de beschermde personen moeten worden gerekend: a.alle loontrekkenden, met inbegrip van de leerlingen; of b.voorgeschreven groepen van het economisch actieve deel der bevolking, welke ten minste 75 procent uitmaken van het gehele economisch actieve deel der bevolking; of c.alle ingezetenen of de ingezetenen wier inkomsten tijdens de eventualiteit de grenzen, voorgeschreven overeenkomstig de bepalingen van artikel 28, niet overschrijden.

  2. 2

    Wanneer een verklaring afgelegd overeenkomstig artikel 4 van kracht is, moeten tot de beschermde personen worden gerekend: a.voorgeschreven groepen loontrekkenden welke ten minste 25 procent uitmaken van het totale aantal loontrekkenden; of b.voorgeschreven groepen loontrekkenden in industriële ondernenemingen, welke ten minste 50 procent uitmaken van het totale aantal loontrekkenden, werkzaam in industriële ondernemingen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.