Verdrag betreffende de status van staatlozen

Huidige tekst

Artikel 6 Verdrag betreffende de status van staatlozen

Geldt sinds 11 juli 1962

Paragraaf 6 1 De vernieuwing of de verlenging van de geldigheidsduur van het document behoort tot de bevoegdheid van de autoriteit die het heeft afgegeven, zolang de houder zich niet rechtmatig op een ander grondgebied heeft gevestigd en rechtmatig verblijft op het grondgebied van genoemde autoriteit. Deze afgifte van een nieuw document behoort, onder dezelfde voorwaarden, tot de bevoegdheid van de autoriteit die het vorige document heeft afgegeven. 2 De diplomatieke of consulaire vertegenwoordigers kunnen worden gemachtigd de geldigheid van door hun onderscheiden regeringen verstrekte reisdocumenten voor de duur van ten hoogste zes maanden te verlengen. 3 De Verdragsluitende Staten zullen in welwillende overweging nemen, de geldigheidsduur van reisdocumenten te hernieuwen of te verlengen of nieuwe documenten te verstrekken aan niet langer rechtmatig op hun grondgebied verblijvende staatlozen die niet in staat zijn een reisdocument te verkrijgen van het land van hun rechtmatig verblijf.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RVS:2018:2783Raad van State, 22 augustus 2018 (bestuursrecht)

    Bij besluit van 30 september 2016 heeft het college het verzoek van [appellante] om de nationaliteit in de basisregistratie personen (hierna: brp) te wijzigen van "onbekend" naar "staatloos"…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.