Verdrag betreffende de status van staatlozen

Huidige tekst

Artikel 1 Verdrag betreffende de status van staatlozen

Geldt sinds 11 juli 1962

Paragraaf 1 1 Het in artikel 28 van dit Verdrag bedoelde reisdocument zal aangeven dat de houder een staatloze is overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag van 28 september 1954. 2 Het document zal in ten minste twee talen worden opgesteld, waarvan één de Engelse of de Franse taal moet zijn. 3 De Verdragsluitende Staten zullen overwegen of het wenselijk is het hieraan als bijlage gehechte modelreisdocument te aanvaarden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBDHA:2014:2255Rechtbank Den Haag, 19 februari 2014 (bestuursrecht)

    Burgemeester heeft zichzelf terecht niet bevoegd geacht om aan een (illegale) staatloze identiteitspapieren in de zin van artikel 27 van het Verdrag van New York van 1954 betreffende de status van…

  • ECLI:NL:CRVB:2004:AO3607Centrale Raad van Beroep, 13 januari 2004 (socialezekerheidsrecht)

    Bijstandverlening aan staatlozen; personenkring Staatlozenverdrag; bewijslast ten aanzien van status; gegevens uit vreemdelingrechtelijke procedures. Staatloosheid niet aannemelijk gemaakt.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.