Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968

Uitv besl OB

Huidige tekst

Artikel 5 Uitv besl OB

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Bij vestiging, overdracht, afstand en opzegging van de rechten van erfpacht, opstal, erfdienstbaarheid of beklemming behoort de waarde van de canon, de retributie of de huur tot de vergoeding, met dien verstande dat de vergoeding hierdoor niet hoger kan zijn dan de waarde in het economische verkeer van de zaak waarop het recht betrekking heeft. De waarde in het economische verkeer bedraagt ten minste de kostprijs, met inbegrip van de omzetbelasting, van de onroerende zaak waarop het recht betrekking heeft, zoals die zou ontstaan bij de voortbrenging door een onafhankelijke derde op het tijdstip van de handeling.

  2. 2

    Bij levering van onroerende zaken, bezwaard met een recht van erfpacht, opstal, erfdienstbaarheid of beklemming, wordt de vergoeding verminderd met de waarde van de canon, de retributie of de huur.

  3. 3

    Bij wijziging van een recht van erfpacht, opstal, erfdienstbaarheid of beklemming behoort het verschil in waarde tussen de canon, de retributie of de huur vóór en na de wijziging tot de vergoeding, met dien verstande dat bij vermindering van de waarde van de canon, de retributie of de huur, voor zover daar geen vermindering van de rechten van de zakelijk gerechtigde tegenover staat, het verschil in waarde op de vergoeding in mindering wordt gebracht.

  4. 4

    Bij levering onder voorbehoud van grondrente of van met grondrente bezwaarde eigendom behoort de waarde van de uitkering tot de vergoeding, met dien verstande dat de vergoeding hierdoor niet hoger kan zijn dan de waarde in het economische verkeer van de zaak waarop het recht betrekking heeft.

  5. 5

    De waarde van een canon, een retributie, een huur of een uitkering wordt bepaald met inachtneming van de bij dit besluit behorende bijlage A.

  6. 6

    Het tweede tot en met het vijfde lid is niet van toepassing voor zover de vestiging, overdracht, wijziging, afstand en opzegging van rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen niet op grond van artikel 3, tweede lid, van de wet, met toepassing van de voorgaande leden, als levering van goederen wordt aangemerkt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2014:341Hoge Raad, 21 februari 2014 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; art. 5, lid 3, aanhef en letter b, art. 5, lid 7, letter a, en art. 11, A, lid 1, letter b, van de Zesde richtlijn, art. 3, lid 1, letter h, art. 3, lid 2, en art. 8 Wet OB; art. 5…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BM6699Parket bij de Hoge Raad, 13 mei 2011 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; artikel 3, lid 1, letter h, en artikel 8, lid 3, Wet OB; artikel 5, lid 7, letter a, en artikel 11, A, lid 1, letter b, van de Zesde richtlijn. Ingebruikneming van een in opdracht…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BM6681Parket bij de Hoge Raad, 19 november 2010 (belastingrecht)

    Omzetbelasting; artikel 3, lid 1, letter h, van de Wet op de omzetbelasting 1968; is sprake van vervaardiging van een (onroerend) goed?

  • ECLI:NL:PHR:2010:BM6690Parket bij de Hoge Raad, 3 mei 2010 (belastingrecht)

    Conclusie PG: Belanghebbende beheert en exploiteert onroerend goed en is als zodanig ondernemer in de zin van de Wet op de omzetbelasting 1968 (hierna: de Wet). Bij notariële akte van 8 maart 2004…

  • ECLI:NL:RBDHA:2024:20540Rechtbank Den Haag, 5 december 2024 (belastingrecht)

    Eiseres heeft met het recht op levering van het erfpachtrecht in combinatie met het recht op het feitelijk gebruik en de daaropvolgende daadwerkelijke ingebruikname voor bouwwerkzaamheden, de…

  • ECLI:NL:PHR:2010:BM6706Parket bij de Hoge Raad, 3 mei 2010 (belastingrecht)

    Conclusie PG: Belanghebbende is eigenaresse van een sportcomplex. De tot dit complex behorende voetbalvelden waren aanvankelijk natuurgrasvelden. Sedert 1991 verhuurt belanghebbende deze velden…

  • ECLI:NL:GHLEE:2003:AN8427Gerechtshof Leeuwarden, 14 november 2003 (belastingrecht)

    In geschil is het antwoord op de vraag of de belanghebbende de aan haar ter zake van de vestiging van het erfpachtrecht in rekening gebrachte omzetbelasting terecht in aftrek heeft gebracht. Tevens…

  • ECLI:NL:GHSHE:2003:AM1887Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 augustus 2003 (belastingrecht)

    In geschil is het antwoord op de vraag of de door de belanghebbende aan de verbruikers doorberekende REB behoort tot de vergoeding ter zake van de levering van aardgas respectievelijk elektriciteit…

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.