Huidige tekst
Artikel 24 Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Syrische Arabische Republiek
- 1
De controle a posteriori van de certificaten inzake goederenverkeer EUR. 1 of van de formulieren EUR. 2 geschiedt door middel van steekproeven en telkens wanneer de douaneautoriteiten van de Staat van invoer gegronde twijfel koesteren over de echtheid van het document of de juistheid van de gegevens betreffende de werkelijke oorsprong van het betrokken goed.
- 2
Voor de toepassing van lid 1 zenden de douaneautoriteiten van de Staat van invoer het certificaat inzake goederenverkeer EUR. 1 of het formulier EUR. 2 of een fotocopie van dat certificaat of van dat formulier terug aan de douaneautoriteiten van de Staat van uitvoer en vermelden de materiële of formele redenen die een onderzoek rechtvaardigen. Indien de factuur werd overgelegd, voegen zij deze of een afschrift daarvan bij het formulier EUR. 2 en verstrekken alle inlichtingen die konden worden verkregen en die doen vermoeden dat de op dit certificaat of op dit formulier aangebrachte vermeldingen onjuist zijn. Indien zij besluiten de toepassing van Titel I van de overeenkomst in afwachting van de resultaten van de controle op te schorten, stellen de douaneautoriteiten van de Staat van invoer de importeur voor de goederen vrij te geven onder voorbehoud van de noodzakelijk geachte conservatoire maatregelen.
- 3
De resultaten van de controle a posteriori worden zo spoedig mogelijk ter kennis van de douaneautoriteiten van de Staat van invoer gebracht. Aan de hand daarvan moet kunnen worden vastgesteld of het betwiste certificaat inzake goederenverkeer EUR. 1 of formulier EUR. 2 geldt voor de werkelijk uitgevoerde goederen en of de preferentiële regeling inderdaad daarop kan worden toegepast. Wanneer deze geschillen niet tussen de douaneautoriteiten van de Staat van invoer en die van de Staat van uitvoer kunnen worden geregeld of wanneer zich daarbij een probleem betreffende de interpretatie van dit protocol voordoet, worden zij voorgelegd aan het Comité voor douanesamenwerking. In alle gevallen is de regeling van de geschillen tussen de importeur en de douaneautoriteiten van de Staat van invoer onderworpen aan de wetgeving van deze Staat.