Regeling georganiseerd overleg personeelsovergang Flevoland

Huidige tekst

Artikel 3 Regeling georganiseerd overleg personeelsovergang Flevoland

Geldt sinds 12 december 1985

  1. 1

    Ieder van de in artikel 2, derde lid, genoemde organisaties is bevoegd tot aanwijzing van twee leden en twee plaatsvervangende leden van de Commissie.

  2. 2

    Schorsing onderscheidenlijk intrekking van de toelating tot de Centrale Commissie van een centrale van overheidspersoneel heeft van rechtswege tot gevolg schorsing onderscheidenlijk intrekking van de toelating tot de Commissie.

  3. 3

    De voorzitter van het voorbereidingslichaam onderscheidenlijk de commissaris van de Koning van de provincie kan een lid of een plaatsvervangend lid van de Commissie van deelneming aan het overleg uitsluiten indien naar zijn oordeel het dienstbelang dat in verband met zijn werkzaamheden als ambtenaar vordert. De uitsluiting geschiedt niet dan nadat het bestuur van de daarbij betrokken organisatie over het voornemen daartoe is gehoord en het advies van de overige leden van de Commissie daarover is ingewonnen.

  4. 4

    In afwachting van de beslissing van de voorzitter van het voorbereidingslichaam onderscheidenlijk de commissaris van de Koning van de provincie neemt het betrokken lid niet of niet meer deel aan het overleg. Na de uitsluiting wijst de desbetreffende organisatie een andere vertegenwoordiger aan als lid of plaatsvervangend lid van de Commissie in de plaats van de uitgeslotene.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.