Regeling energie vervoer

Huidige tekst

Artikel 10 Regeling energie vervoer

Geldt sinds 20 juni 2026

  1. 1

    De inboeker beschikt over een administratieve organisatie met maatregelen van interne beheersing en controle die in opzet en werking waarborgen dat hij de hoeveelheid ingeboekte hernieuwbare energie juist verantwoordt.

  2. 2

    De inboeker van een hoeveelheid geleverde vloeibare biobrandstof of een vloeibare hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong controleert elk kwartaal tegen de overige bedrijfsadministratie: a.zijn voorraadverloop per soort vloeibare biobrandstof of vloeibare hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong, waarbij de eindvoorraad gelijk is aan de beginvoorraad opgeteld met het saldo van de leveringen in die periode; b.het totaal van inboekingen in het register, waarbij de inboekingen niet groter zijn dan de leveringen in die periode.

  3. 3

    Bij het inboeken van een geleverde hoeveelheid hernieuwbare energie vermeldt de inboeker: a.de in bijlage 3 genoemde gegevens; b.de gegevens zoals die vermeld zijn op de bewijsstukken.

  4. 4

    De inboeker bewaart de gegevens en de bewijsstukken, bedoeld in het derde lid, ten minste vijf jaar vanaf het kalenderjaar waarop die gegevens betrekking hebben.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.