Huidige tekst
Artikel 6 Protocol bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand inzake de beheersing van emissies van stikstofoxyden of van de grensoverschrijdende stromen van deze stikstofverbindingen
6 De verbranding van fossiele brandstoffen is de belangrijkste bron van antropogene NO x -emissies uit stationaire bronnen. Daarnaast kunnen enkele processen waarbij geen verbranding optreedt in aanzienlijke mate aan deze emissies bijdragen. De belangrijkste categorieën stationaire bronnen van NO x -emissies, gebaseerd op EMEP/CORINAIR ’90, omvatten: a.Openbare elektriciteits-, warmtekracht- en blokverwarmingscentrales: i. stoomketels; ii. stationaire verbrandingsturbines en inwendige-verbrandingsmotoren; b.Stookinstallaties in de sectoren bedrijven, diensten en huishoudens: i. bedrijfsketels; ii. huishoudelijke verwarmingsinstallaties; c.Industriële verbrandingsinstallaties en processen waarbij verbranding optreedt: i. stoomketels en procesfornuizen (geen direct contact tussen rookgas en produkten); ii. processen (direct contact) (bijvoorbeeld calcinatieprocessen in draaiovens, cement- en kalkproduktie enz., glasproduktie, metallurgische bewerking, pulpproduktie); d.Processen waarbij geen verbranding optreedt, (bijvoorbeeld de produktie van salpeterzuur); e.Winning, be-/verwerking en distributie van fossiele brandstoffen; f.Afvalbehandeling en -verwijdering, bijvoorbeeld verbranding van stedelijk en industrieel afval.