Postregeling 2009

Huidige tekst

Artikel 15 Postregeling 2009

Geldt sinds 1 november 2021

  1. 1

    De verlener van de universele postdienst kan in een kalenderjaar de tarieven, bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet, of een wijziging hiervan vaststellen voor het verlenen van de universele postdienst met betrekking tot het postvervoer van poststukken, als bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdelen a en b, tweede lid, onderdelen a, b en c, derde lid, onderdelen a en b, en vierde lid van de wet, tegen enkelstukstarief, voor zover daarmee de gemiddelde omzet per eenheid volume van de voorgenoemde postdiensten ten hoogste gelijk is aan het door de Autoriteit Consument en Markt berekende maximaal gemiddeld tarief, bedoeld in artikel 14.

  2. 2

    De gemiddelde omzet per eenheid volume, bedoeld in het eerste lid, wordt gebaseerd op de volumeaandelen van de postdiensten, waarvoor de verlener van de universele postdienst de tarieven, bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de wet, vaststelt, die zijn gerealiseerd in het kalenderjaar voorgaand aan het jaar waarin laatstelijk de aanvullende tariefruimte is bepaald.

  3. 3

    In afwijking van het tweede lid, kunnen de volumeaandelen, bedoeld in het tweede lid, gebaseerd worden op de volumeaandelen van een later kalenderjaar: a.op verzoek van de verlener van de universele postdienst; b.indien de indeling of samenstelling van de postdiensten, bedoeld in het tweede lid, door de verlener van de universele postdienst is of wordt gewijzigd.

  4. 4

    De verlener van de universele postdienst dient een verzoek, als bedoeld in het derde lid, onderdeel a, voor 1 juni in bij de Autoriteit Consument en Markt. Bij het verzoek legt hij een verklaring over van de accountant, aangaande de juistheid en de volledigheid van de verstrekte volumeaandelen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBROT:2010:BM9940Rechtbank Rotterdam, 1 juli 2010 (bestuursrecht)

    Naar het oordeel van de rechtbank dient het tweede lid van artikel 13 van de Postregeling 2009 niet los, doch in samenhang te worden gelezen met het eerste lid van dit artikel. Gelet op de samenhang…

  • ECLI:NL:RBROT:2009:BK1216Rechtbank Rotterdam, 22 oktober 2009 (bestuursrecht)

    Verweerder heeft een tweede last onder dwangsom opgelegd omdat verzoekster zijns inziens nog steeds niet heeft voldaan aan eerder opgelegde last, meer specifiek aan de (vierde) voorwaarde van de…

  • ECLI:NL:RBROT:2009:BJ3867Rechtbank Rotterdam, 23 juli 2009 (bestuursrecht)

    Verzoekster is verplicht een overzicht van de daadwerkelijke kosten, zijnde de rechtstreeks aan de UPD toerekenbare kosten én de gemeenschappelijke kosten die niet rechtstreeks aan de UPD zijn toe te…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.