Postbesluit 2009

Huidige tekst

Artikel 4a Postbesluit 2009

Geldt sinds 1 juli 2026

  1. 1

    In de periode van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027 zorgt een verlener van de universele postdienst ervoor dat brieven die binnen de universele postdienst voor postvervoer binnen Nederland aan hem worden aangeboden, en die voldoen aan de daarvoor gestelde voorwaarden, in ten minste gemiddeld 90% van de gevallen worden besteld uiterlijk op de tweede dag, niet zijnde een zondag of maandag of officiële feestdag, volgend op de dag van aanbieding.

  2. 2

    Met ingang van 1 juli 2027 zorgt een verlener van de universele postdienst ervoor dat brieven die binnen de universele postdienst voor postvervoer binnen Nederland aan hem worden aangeboden, en die voldoen aan de daarvoor gestelde voorwaarden, per kalenderjaar in ten minste gemiddeld 92% van de gevallen worden besteld uiterlijk op de derde dag, niet zijnde een zondag of maandag of officiële feestdag, volgend op de dag van aanbieding. Voor het kalenderjaar 2027 wordt het bedoelde percentage berekend over de periode van 1 juli tot en met 31 december.

  3. 3

    In afwijking van het eerste en tweede lid zorgt een verlener van de universele postdienst ervoor dat rouwbrieven en medische brieven die binnen de universele postdienst voor postvervoer binnen Nederland aan hem worden aangeboden en die voldoen aan de daarvoor gestelde voorwaarden, per kalenderjaar in ten minste gemiddeld 95% van de gevallen worden besteld op de dag, niet zijnde een zondag of officiële feestdag, volgend op de dag van aanbieding.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:355Parket bij de Hoge Raad, 15 maart 2024 (belastingrecht)

    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 15 maart 2024 in de zaken met de nrs. 23/02244 ECLI:NL:PHR:2024:297 en 23/02561 ECLI:NL:PHR:2024:293

  • ECLI:NL:PHR:2016:938Parket bij de Hoge Raad, 23 september 2016 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten, veertiendagenbrief (art. 6:96 lid 6 BW). Aanvang veertiendagentermijn. Stelplicht en bewijslast. Gevolgen van…

  • ECLI:NL:CBB:2025:660College van Beroep voor het bedrijfsleven, 16 december 2025 (bestuursrecht)

    Universele Postdienst. Boete voor niet voldoen aan de verplichting brieven in ten minste 95% van de gevallen de eerstvolgende dag na aanbieding te bezorgen. Proefbriefonderzoek. Deel van de brieven…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:12989Rechtbank Rotterdam, 24 oktober 2025 (verbintenissenrecht)

    Vordering tot betaling facturen toegewezen. De afspraken die gedaagde heeft aangevoerd, zijn onvoldoende onderbouwd. Buitengerechtelijke incassokosten conform Besluit toegewezen. Wettelijke…

  • ECLI:NL:RBROT:2024:9675Rechtbank Rotterdam, 4 oktober 2024 (verbintenissenrecht)

    Handelsrente gaat in 30 dagen na ontvangst factuur, 6:119a lid 2 onder a BW. Herberekening rente, hoofdsom en BIK.

  • ECLI:NL:RBROT:2022:11312Rechtbank Rotterdam, 28 december 2022 (europees bestuursrecht)

    PostNL is verlener van de universele postdienst. Dit betekent dat zij ervoor moet zorgen dat de aangeboden binnenlandse brieven per kalenderjaar in ten minste gemiddeld 95% van de gevallen de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.