Notawisseling tussen de Nederlandse en de Britse Regering inzake de uitoefening van rechten en verplichtingen welke ten aanzien van de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde Nederlandse militaire eenheden voortvloeien uit twee op 26 mei 1952 te Bonn gesloten en op 23 oktober 1954 te Parijs he

Huidige tekst

Artikel 6 Notawisseling tussen de Nederlandse en de Britse Regering inzake de uitoefening van rechten en verplichtingen welke ten aanzien van de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde Nederlandse militaire eenheden voortvloeien uit twee op 26 mei 1952 te Bonn gesloten en op 23 oktober 1954 te Parijs he

Geldt sinds 11 juni 1956

  1. 1

    Overeenkomstig de bepalingen van artikel 4 van dit Verdrag, neemt de Bondsrepubliek alle maatregelen welke noodzakelijk zijn voor het, naar behoefte, ter beschikking stellen van de middelen voor het onderhoud van de krijgsmachten.

  2. 2

    Behoudens de tegengestelde bepalingen van lid 4 van dit artikel, worden deze middelen betaald door de bevoegde Duitse betalingsinstanties tegen betalingsmachtigingen welke door de bevoegde autoriteiten van de krijgsmachten worden afgegeven. In deze betalingsmachtigingen wordt verklaard dat betaling binnen het kader van het betreffende hoofdstuk van de begroting van de betrokken Mogendheid toegestaan is in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag, en er zullen behoorlijke bewijsstukken van de verleende diensten worden bijgevoegd. De bevoegde Duitse betalingsinstanties betalen, na overlegging van de betalingsmachtiging, het op de machtiging aangegeven bedrag uit. De gemachtigde vertegenwoordigers van de betrokken Mogendheid kunnen de Duitse boekhouding met betrekking tot de door de bevoegde Duitse betalingsinstanties verrichte betalingen onderzoeken.

  3. 3

    Door iedere betrokken Mogendheid, enerzijds, en door de Bondsrepubliek, anderzijds, worden rekeningen bijgehouden van ontvangsten en uitgaven volgens een door de Drie Mogendheden en de Bondsrepubliek overeengekomen gelijkluidende nomenclatuur. Indien de rekeningen van de Bondsrepubliek en die van een der Mogendheden niet met elkaar in overeenstemming mochten zijn, nadat zij elk zijn gecontroleerd overeenkomstig de krachtens de Duitse wetten of voorschriften of krachtens de wetten of voorschriften van de betrokken Mogendheid geldende werkwijzen, al naar het geval zich voordoet, worden de rekeningen met elkaar in overeenstemming gebracht op een door een ingevolge artikel 14 van dit Verdrag in te stellen Coördineringscommissie vast te stellen wijze. Aan de Coördineringscommissie wordt periodiek verslag uitgebracht ten aanzien van ontvangsten en uitgaven.

  4. 4

    De betrokken Mogendheden kunnen van de Duitse betalingsinstanties middelen verkrijgen om door middel van haar eigen instanties betalingen te verrichten voor (a) kleinere uitgaven in overeenstemming met de voorschriften van de betrokken Mogendheid, of (b) iedere andere uitgave ten aanzien waarvan overeenstemming bestaat dat een dergelijke werkwijze noodzakelijk is. Ten aanzien van deze uitgaven dienen de machtigingen en bewijsstukken welke overeenkomstig lid 2 van dit artikel noodzakelijk zijn, aanwezig te zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.