Mijnbesluit BES

Huidige tekst

Artikel 252 Mijnbesluit BES

Geldt sinds 10 oktober 2010

  1. 1

    Van de beteekening bedoeld in het eerste lid van art. 16 en het eerste lid van art 17, tot het verstrijken van den termijn aangegeven in art. 243 of, ingeval een verzoekschrift, als in art. 243 bedoeld, is ingediend tot de beslissing van het Hof aan den houder der vergunning zal zijn medegedeeld ( art. 250) of beteekend ( art. 251 ), mogen de opsporingen worden voortgezet en mag de vergunning worden verlengd een en ander behoudens het bepaalde bij de artt. 47, 48, 49 en 142.

  2. 2

    De houder der vergunning zal echter van de in het eerste lid van art. 16 en het eerste lid van art. 17 bedoelde beteekening af niet bevoegd zijn de vergunning over te dragen. Dit verbod houdt op, wanneer op een door den houder der vergunning ingediend verzoekschrift door het Hof is beslist, dat hij aan de in art. 5 der Mijnwet BES gestelde vereischten voldoet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.