Kaderwet militaire pensioenen

Huidige tekst

Artikel 2 Kaderwet militaire pensioenen

Geldt sinds 31 januari 2001

Het stelsel 1 De aanspraken op ouderdoms- en nabestaandenpensioen en de daarmee samenhangende verplichtingen van de beroepsmilitair, de gewezen beroepsmilitair en hun nagelaten betrekkingen worden, met inachtneming van de bij of op grond van deze wet vastgestelde afwijkingen en aanvullingen, neergelegd in de overeenkomst naar burgerlijk recht, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Wet privatisering ABP. 2 De in het eerste lid bedoelde nadere overeenkomst strekt zich mede uit tot de aanspraken op militair ouderdoms- en nabestaandenpensioen die voor het sluiten daarvan zijn opgebouwd. 3 De door het eerste en tweede lid beheerste pensioenaanspraken worden vastgelegd in het pensioenreglement. Aanspraken op militair pensioen worden rechtstreeks aan dat reglement ontleend. 4 Prepensioneringsaanspraken vanaf 60 jaar zullen worden neergelegd in een overeenkomst naar burgerlijk recht. 5 Aanvullende aanspraken op militair pensioen bij arbeidsongeschiktheid, invaliditeit of overlijden van de beroepsmilitair, de pensioenaanspraken voor de dienstplichtige of reservist en hun nagelaten betrekkingen, alsmede de grondslag voor het verstrekken van de met die invaliditeit samenhangende bijzondere leef- en werkvoorzieningen, worden vastgesteld bij algemene maatregel van bestuur. 6 De noodzakelijke nadere regels ter uitvoering van de in het vijfde lid bedoelde algemene maatregelen van bestuur worden vastgesteld door Onze Minister.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:460Parket bij de Hoge Raad, 8 mei 2026 (arbeidsrecht)

    Arbeidsrecht. Cao Gemeenten. Arbeidsongeschiktheid in en door de dienst vanwege bijzondere omstandigheden waaronder een werknemer opgedragen werkzaamheden moest verrichten. Is ernstig verwijtbaar…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6806Rechtbank Gelderland, 26 augustus 2026 (belastingrecht)

    Een oud-militair ontvangt vanwege arbeidsongeschiktheid een militair invaliditeitspensioen (MIP) en een bijzondere invaliditeitsverhoging (BIV). De inspecteur heeft de MIP en de BIV terecht in de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:9608Rechtbank Den Haag, 6 mei 2025 (ambtenarenrecht)

    Vervoersvoorziening. Inkomensgrens. Eerst in aanvullend besluit zijn de door eiser opgevoerde aftrekposten betrokken bij de berekening van zijn inkomen. Zorgvuldigheidsgebrek.

  • ECLI:NL:RBDHA:2021:5372Rechtbank Den Haag, 26 mei 2021 (civiel recht)

    Eindloonregeling militairen ABP periode 2004-2018. Hoe komt de vaststelling van de in die periode op het salaris van de militairen ingehouden premie tot stand; heeft Defensie steeds de juiste…

  • ECLI:NL:CRVB:2020:383Centrale Raad van Beroep, 20 februari 2020 (ambtenarenrecht)

    Appellant ontvangt een militair invaliditeitspensioen en aan hem is een vergoeding toegekend voor vier uur per week huishoudelijke hulp. Bij besluit van 23 maart 2017, na bezwaar gehandhaafd bij…

  • ECLI:NL:RBDHA:2017:9839Rechtbank Den Haag, 29 augustus 2017 (ambtenarenrecht)

    Mate van invaliditeit militair verlaagd. Uitkeringstechnisch geen effect. Belang ligt in verhoging BIV. Stelsel PTSS Protocol kan bij ongewijzigde toestand leiden tot verlaging invaliditeit. Zelf…

  • ECLI:NL:GHSHE:2015:4436Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 3 november 2015 (verbintenissenrecht)

    pensioenrecht, geen onvoorwaardelijk recht op indexatie van militair pensioen, geen gerechtvaardigd vertrouwen op onvoorwaardelijke althans volledige indexatie.

  • ECLI:NL:RBDHA:2015:4044Rechtbank Den Haag, 8 april 2015 (ambtenarenrecht)

    -

24 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.