Internationaal Verdrag tot bestrijding van de zogenaamde handel in vrouwen en meisjes, zoals gewijzigd door het Protocol van 4 mei 1949

Huidige tekst

Artikel 7 Internationaal Verdrag tot bestrijding van de zogenaamde handel in vrouwen en meisjes, zoals gewijzigd door het Protocol van 4 mei 1949

Geldt sinds 14 augustus 1951

Art. 7 De verdragsluitende partijen verbinden zich, waar het geldt strafbare feiten, als bedoeld bij dit verdrag, en waarvan de bestanddeelen gepleegd zijn in verschillende landen, elkander mededeeling te doen van de strafbladen. Deze stukken worden rechtstreeks door de autoriteiten, aangewezen overeenkomstig art. 1 van de te Parijs op 18 Mei 1904 gesloten Regeling, aan de gelijksoortige autoriteiten der andere verdragsluitende Staten verzonden.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.