Instellingswet Autoriteit Consument en Markt

Huidige tekst

Artikel 42 Instellingswet Autoriteit Consument en Markt

Geldt sinds 1 april 2013

  1. 1

    Besluiten van de raad van bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit worden na inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet aangemerkt als besluiten van de Autoriteit Consument en Markt.

  2. 2

    Aanvragen en bezwaarschriften, ingediend bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit, worden na inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet aangemerkt als aanvragen en bezwaarschriften, ingediend bij de Autoriteit Consument en Markt.

  3. 3

    In bestuursrechtelijke rechtsgedingen treedt op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet de Autoriteit Consument en Markt in de plaats van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit.

  4. 4

    In civielrechtelijke rechtsgedingen treedt op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet de Staat in de plaats van het college voor de post- en telecommunicatieautoriteit.

  5. 5

    In overeenkomsten treedt op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet de Staat in de plaats van het college voor de post- en telecommunicatieautoriteit.

  6. 6

    In samenwerkingsprotocollen treedt op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet de Autoriteit Consument en Markt in de plaats van de raad van bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit.

  7. 7

    In zaken waarin voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2 van deze wet aan de Nationale ombudsman is verzocht een onderzoek te doen dan wel de Nationale ombudsman een onderzoek heeft ingesteld naar een gedraging die kan worden toegerekend aan de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt of de Consumentenautoriteit, treedt de Autoriteit Consument en Markt op dat tijdstip in de plaats van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt respectievelijk de Consumentenautoriteit.

  8. 8

    Archiefbescheiden van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, het college voor de post- en telecommunicatiemarkt en de Consumentenautoriteit worden overgedragen aan de Autoriteit Consument en Markt, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2019:120College van Beroep voor het bedrijfsleven, 19 maart 2019 (bestuursrecht)

    Mededingingsrecht. Toerekening van de overtreding van artikel 6, eerste lid, van de Mw (kartelverbod) aan een investeringsmaatschappij.

  • ECLI:NL:CBB:2015:194College van Beroep voor het bedrijfsleven, 8 juli 2015 (bestuursrecht)

    Misleidende handelspraktijk – Het College acht bewezen dat een winkelketen een bestendige praktijk had om bij consumenten de indruk te wekken dat na het verstrijken van de fabrieksgarantietermijn…

  • ECLI:NL:RBROT:2013:5538Rechtbank Rotterdam, 25 juli 2013 (bestuursrecht)

    Boete opgelegd wegens overtreding van art 8.8 Wet handhaving consumentenbescherming (Whc) in samenhang met artikel 6:193c, eerste lid, aanhef en onder g, BW en openbaarmaking van het sanctiebesluit.…

  • ECLI:NL:RBROT:2013:5539Rechtbank Rotterdam, 25 juli 2013 (bestuursrecht)

    Boete opgelegd wegens overtreding van art 8.8 Wet handhaving consumentenbescherming (Whc) in samenhang met artikel 6:193c, eerste lid, aanhef en onder g, BW en openbaarmaking van het sanctiebesluit.…

  • ECLI:NL:RBROT:2013:5540Rechtbank Rotterdam, 25 juli 2013 (bestuursrecht)

    Boete opgelegd wegens overtreding van art 8.8 Wet handhaving consumentenbescherming (Whc) in samenhang met artikel 6:193c, eerste lid, aanhef en onder g, BW en openbaarmaking van het sanctiebesluit.…

  • ECLI:NL:RBROT:2013:5541Rechtbank Rotterdam, 25 juli 2013 (bestuursrecht)

    Boete opgelegd wegens overtreding van art 8.8 Wet handhaving consumentenbescherming (Whc) in samenhang met artikel 6:193c, eerste lid, aanhef en onder g, BW en openbaarmaking van het sanctiebesluit.…

  • ECLI:NL:RBROT:2013:CA3079Rechtbank Rotterdam, 13 juni 2013 (bestuursrecht)

    Tapgegevens kwalificeren als strafvorderlijke gegevens als bedoeld in de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). Geen kenbare, voor rechter toetsbare afweging van de officier van…

  • ECLI:NL:RBROT:2013:CA2590Rechtbank Rotterdam, 30 mei 2013 (bestuursrecht)

    Verkoopdemonstraties bij dagtochten ITC Reisclub. Overtredingen van artikel 8.8 Whc in samenhang met bepalingen BW inzake oneerlijke handelspraktijken. Gelet op rol eiseres bij de overtredingen is…

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.