Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval

Huidige tekst

Artikel 21 Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval

Geldt sinds 18 juni 2001

Verantwoordelijkheid van de vergunninghouder 1 Elke Verdragsluitende Partij zorgt ervoor dat de hoofdverantwoordelijkheid voor de veiligheid van een installatie voor het beheer van bestraalde splijtstof of radioactief afval berust bij de houder van de desbetreffende vergunning en neemt passende maatregelen om te waarborgen dat iedere vergunninghouder zijn verantwoordelijkheid in acht neemt. 2 Indien er geen vergunninghouder of andere verantwoordelijke partij is, berust de verantwoordelijkheid bij de Verdragsluitende Partij die de jurisdictie heeft over de bestraalde splijtstof of over het radioactieve afval.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.