Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval

Huidige tekst

Artikel 19 Gezamenlijk Verdrag inzake de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en inzake de veiligheid van het beheer van radioactief afval

Geldt sinds 18 juni 2001

Wet- en regelgevend kader 1 Elke Verdragsluitende Partij schept en handhaaft een wet- en regelgevend kader betreffende de veiligheid van het beheer van bestraalde splijtstof en radioactief afval. 2 Dit wet- en regelgevend kader voorziet in: i. de totstandkoming van toepasselijke nationale veiligheidseisen en -voorschriften met betrekking tot de stralingsveiligheid; ii. een vergunningenstelsel voor activiteiten inzake het beheer van bestraalde splijtstof en radioactief afval; iii. een verbodstelsel op de bedrijfsvoering van een installatie voor het beheer van bestraalde splijtstof of radioactief afval zonder vergunning; iv. een stelsel van passende institutionele controle, inspectie door het regulerend lichaam, documentatie en verslaglegging; v. de handhaving van de toepasselijke voorschriften en van het gestelde in de vergunningen; vi. een duidelijke toewijzing van de verantwoordelijkheden naar de betrokken organen in de verschillende fasen van het beheer van bestraalde splijtstof en radioactief afval. 3 Wanneer nagegaan wordt of radioactieve stoffen aan de toepasselijke regelgeving voor radioactief afval moeten worden onderworpen houden de Verdragsluitende Partijen naar behoren rekening met de doelstellingen van dit Verdrag.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.