Europees Verdrag inzake cinematografische coproduktie

Huidige tekst

Artikel 3 Europees Verdrag inzake cinematografische coproduktie

Geldt sinds 1 juli 1995

Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder: a.„cinematografisch werk”: een werk, ongeacht lengte of medium, in het bijzonder fictie-films, animatiefilms en documentaires, die voldoen aan de bepalingen die van kracht zijn voor de betreffende filmindustrie in elk der betrokken Partijen en die zijn bestemd voor bioscoopvertoning; b.„coproducenten”: filmproduktie-ondernemingen of producenten die zijn gevestigd in de Partijen bij dit Verdrag en die zijn gebonden door een coproduktiecontract; c.„Europees cinematografisch werk”: een cinematografisch werk dat voldoet aan de voorwaarden gesteld in Bijlage II, die een integrerend deel van dit Verdrag vormt; d.„multilaterale coproduktie”: een cinematografisch werk geproduceerd door ten minste drie coproducenten als omschreven in artikel 2, tweede lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.