Huidige tekst
Artikel 1567 BW BES Boek 7a
De verhuurder is door de aard van de overeenkomst, en zonder dat daartoe enig bijzonder beding vereist wordt, verplicht: 1°. om het verhuurde aan de huurder ter beschikking te stellen; 2°. om hetzelve te onderhouden in zodanige staat, dat het tot het gebruik, waartoe het verhuurd is, dienen kan; 3°. om de huurder het rustige genot daarvan te doen hebben, zolang de huur duurt.
Bron: wetten.overheid.nl