Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999

Bkvv 1999

Huidige tekst

Artikel 21 Bkvv 1999

Geldt sinds 1 januari 2015

Geen verzekering op grond van de Wlz 1 Niet verzekerd op grond van de Wet langdurige zorg is de persoon die in Nederland woont, doch die met toepassing van een verordening van de Raad van de Europese Gemeenschappen of van een door Nederland met een of meer andere staten gesloten verdrag inzake sociale zekerheid, in Nederland recht kan doen gelden op verstrekkingen die hem in beginsel worden verleend ten laste van een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of een staat waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft gesloten. 2 Niet verzekerd op grond van de Wet langdurige zorg is de persoon die in Nederland woont en die recht heeft op een uitkering of pensioen ingevolge een regeling van een op grond van artikel 3, eerste lid, onder d, dan wel artikel 14, tweede lid, aangewezen volkenrechtelijke organisatie, indien hij op grond van een regeling van die organisatie in Nederland aanspraak heeft op zorg, of op vergoeding voor de kosten daarvan, tenzij hij in Nederland arbeid verricht. De aanspraak, bedoeld in de vorige volzin, omvat in ieder geval opname en verpleging in ziekenhuizen en in instellingen voor langdurige verpleging en verzorging. 3 Indien het totale bedrag van de vergoedingen bedoeld in het tweede lid, ingevolge de regeling van de betreffende volkenrechtelijke organisatie is gemaximeerd, dient de omvang daarvan ten minste een door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vast te stellen minimum bedrag per persoon per jaar bedragen. 4 De in Nederland wonende echtgenoot, kinderen en overige inwonende gezinsleden van de in het tweede lid bedoelde persoon, zijn eveneens niet verzekerd op grond van de Wet langdurige zorg indien zij ingevolge een regeling van de desbetreffende volkenrechtelijke organisatie in Nederland aanspraak hebben op zorg of op vergoeding voor de kosten daarvan, mits wordt voldaan aan de voorwaarden bedoeld in het tweede en derde lid. 5 De echtgenoot, de kinderen en overige inwonende gezinsleden die op grond van het derde lid niet verzekerd zijn op grond van de Wet langdurige zorg, blijven van de verzekering op grond van die wet uitgesloten vanaf de datum van overlijden van de persoon die als niet verzekerd werd aangemerkt op grond van het tweede lid, zolang voornoemde aanspraak op zorg of op vergoeding van de kosten daarvan, mits wordt voldaan aan de voorwaarden bedoeld in het tweede en derde lid, bestaat. 6 Het vierde en vijfde lid zijn niet van toepassing op personen die in Nederland arbeid verrichten of die een Nederlandse socialeverzekeringsuitkering ontvangen. 7 De Sociale verzekeringsbank geeft op aanvraag van de persoon, bedoeld in het eerste, tweede, vierde of vijfde lid, een verklaring af dat hij niet verzekerd is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2018:1793Hoge Raad, 28 september 2018 (belastingrecht)

    Verordening tot vaststelling van de geldelijke regeling voor de Voorzitter en de leden van de Commissie, de President, de rechters en de griffier van, alsmede de advocaten-generaal bij het Hof van…

  • ECLI:NL:PHR:2005:AR5905Parket bij de Hoge Raad, 9 september 2005 (belastingrecht)

    Artikelen 8, 10, lid 2 en 17 Wet financiering volksverzekeringen. Artikelen 2 en 5 Uitvoeringsregeling premieheffing volksverzekeringen 1990. Premieheffing AOW in het jaar van het bereiken van de…

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:16345Rechtbank Den Haag, 4 september 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Beroep ongegrond. Niet verzekerd voor de Wlz. Verzekerd via het ESA.

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:6789Rechtbank Den Haag, 10 april 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Wlz. Bij besluit van 5 november 2010 is aan eiseres ontheffing voor de verzekeringsplicht ingevolge de Wlz verleend. Die ontheffing heeft geen beperkte duur. Per 1 januari 2021 en ten tijde van het…

  • ECLI:NL:CRVB:2025:119Centrale Raad van Beroep, 16 januari 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Betrokkene is grond van artikel 21, tweede lid, van KB 746 niet verzekerd voor de Wlz omdat de zorgverzekering van de volkenrechtelijke organisatie voldoet aan de minimumeisen, waaronder een dekking…

  • ECLI:NL:CRVB:2025:120Centrale Raad van Beroep, 16 januari 2025 (socialezekerheidsrecht)

    Appellant is op grond van artikel 21, tweede lid, van KB 746 niet verzekerd voor de Wlz, omdat zij een pensioen ontvangt van een volkenrechtelijke organisatie en hun zorgverzekering voldoet aan de…

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:13876Rechtbank Noord-Holland, 12 december 2024 (belastingrecht)

    Premie volksverzekeringen. Eiseres woont in Nederland en ontvangt de Duitse Witwenrente en Alternrente. Volgens eiseres is zij over deze uitkeringen geen premies volksverzekeringen…

  • ECLI:NL:RBDHA:2023:737Rechtbank Den Haag, 11 januari 2023 (socialezekerheidsrecht)

    Besluit waarin eiseres niet verzekerd op grond van de Wlz wordt geacht, omdat eiseres een pensioen van een volkenrechtelijke organisatie ontvangt. De rechtbank is van oordeel dat het stelsel van…

24 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.