Huidige tekst
Artikel 6 Bpr Wft
De Nederlandsche Bank neemt bij de vaststelling, bedoeld in artikel 5, in ieder geval in aanmerking: a.de in de onderdelen 1 en 2 van Bijlage A genoemde strafrechtelijke antecedenten; b.de in onderdeel 3 van Bijlage A genoemde financiële antecedenten; c.de in onderdeel 4 van Bijlage A genoemde toezichtantecedenten; d.de in onderdeel 5 van Bijlage A genoemde fiscaal bestuursrechtelijke antecedenten; en e.de in onderdeel 6 van Bijlage A genoemde overige antecedenten.
Bron: wetten.overheid.nl