Huidige tekst
Artikel 11 Besluit personenchauffeurs defensie
Overgangstoelage 1 Voor de toepassing van dit artikel wordt onder personenchauffeur verstaan: de ambtenaar die krachtens artikel 1 van het Besluit van 3 mei 1989 (Stb. 1989, 194), houdende een nadere werktijd regeling en overwerkvergoeding voor personenchauffeurs is aangewezen als personenchauffeur. 2 Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder maandelijkse inkomsten: a.het salaris, bedoeld in bijlage A van het inkomstenbesluit; b.de vakantieuitkering, bedoeld in artikel 43 van het inkomstenbesluit; c.de eindejaarsuitkering, bedoeld in artikel 8 van dit besluit; d.de maandelijkse toelage en de geldelijke vergoeding voor 45 uren overwerk, bedoeld in het Besluit van 3 mei 1989 (Stb. 1989, 194), houdende een nadere werktijd regeling en overwerkvergoeding voor personenchauffeurs, artikelen 2 en 4, tweede lid; e.de aanvulling op het salaris, bedoeld in artikel 4 van dit besluit; f.de vaste toelage onregelmatige dienst, bedoeld in artikel 5 van dit besluit; g.de consignatietoelage op basis van 45 uren consignatie, bedoeld in artikel 6, derde lid, van dit besluit. 3 Aan de personenchauffeur wordt een overgangstoelage per maand toegekend, die éénmalig wordt afgeleid van het verschil tussen de inkomsten per maand, bedoeld in het tweede lid onder a, b, c en d op de dag vóór inwerkingtreding van dit besluit, en de inkomsten per maand, bedoeld in het tweede lid onder a, b, c, e, f en g, met ingang van de datum van inwerkingtreding van dit besluit. 4 Indien het salaris van de personenchauffeur in de periode van 1 januari 1998 tot de datum van inwerkingtreding van dit besluit is verhoogd van salarisschaal 3 naar salarisschaal 4, wordt voor de toepassing van het derde lid het laatstelijk voor hem geldende salaris in de salarisschaal 3 in aanmerking genomen. 5 Indien het salaris van de personenchauffeur na de datum van inwerkingtreding van dit besluit wordt verhoogd van salarisschaal 3 naar salarisschaal 4, wordt de overgangstoelage overeenkomstig verminderd met het bedrag van deze salarisverhoging. 6 Voor de personenchauffeur, die op 31 december 2000 aanspraak heeft op de overgangstoelage, wordt de overgangstoelage met ingang van 1 januari 2001 verhoogd met 1,9%.