Besluit financiële markten BES

Bfm BES

Huidige tekst

Artikel 7:20 Bfm BES

Maximale kredietvergoedingspercentage

Geldt sinds 25 januari 2013

  1. 1

    De hoogst toegelaten kredietvergoeding wordt uitgedrukt in een effectief percentage op jaarbasis aan totale kosten ten opzichte van het kredietbedrag. Dit percentage wordt bij regeling van Onze minister vastgesteld.

  2. 2

    Het kredietvergoedingspercentage dat van toepassing is op een overeenkomst inzake krediet wordt berekend als volgt: waarin: KVP j = kredietvergoedingspercentage per jaar; k j = nominale kredietvergoedingspercentage per jaar.

  3. 3

    Het nominale kredietvergoedingspercentage per jaar wordt berekend door het nominale kredietvergoedingspercentage per maand te vermenigvuldigen met twaalf.

  4. 4

    Het nominale kredietvergoedingspercentage per maand wordt berekend als volgt: waarin: PMT = maandelijkse annuïteit; KB = kredietbedrag; n = het aantal maandelijkse termijnen; k m = nominale kredietvergoedingspercentage per maand.

  5. 5

    De maandelijkse annuïteit wordt berekend als volgt: waarin: TB = totaalbedrag, zijnde het kredietbedrag plus alle kosten, niet zijnde rente, uitgedrukt in contante waarde op het moment van het aangaan van de overeenkomst inzake krediet; i m = nominale rentepercentage per maand, gedeeld door honderd.

  6. 6

    Indien het totale door de consument te betalen bedrag wordt afgelost in andere termijnen dan maandelijkse termijnen, gaat de kredietaanbieder bij de berekening van het kredietvergoedingspercentage, bedoeld in het tweede lid, uit van de op het krediet van toepassing zijnde aflossingstermijnen.

  7. 7

    Indien de kosten, bedoeld in het eerste lid, enkel bestaat uit rente, is het kredietvergoedingspercentage gelijk aan het effectieve rentepercentage dat wordt berekend als volgt: waarin: r j = effectieve rentepercentage per jaar; i j = nominale rentepercentage per jaar, gedeeld door honderd; n = aantal termijnen per jaar.

  8. 8

    Indien het nominale rentepercentage niet constant is gedurende de looptijd van de kredietovereenkomst, gebruikt de kredietaanbieder het gewogen gemiddelde rentepercentage, of ingeval dat nog niet kan worden vastgesteld, het hoogste rentepercentage gedurende de looptijd van de overeenkomst.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:OGHACMB:2020:209Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 15 september 2020 (civiel recht)

    APR hoger dan 27% is nietig (artikel 3:40 BW) ook bij krediet met een looptijd van zes maanden

  • ECLI:NL:OGHACMB:2020:210Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 15 september 2020 (civiel recht)

    SPR van meer dan 27% is nietig (artikel 3:40 BW) ook bij een krediet met een looptijd van meer dan zes maanden.

  • ECLI:NL:OGHACMB:2020:212Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 15 september 2020 (civiel recht)

    APR van meer dan 27% is nietig (art. 3:40 BW) ook bij een krediet met een looptijd van zes maanden

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.