Huidige tekst
Artikel 2.16 Beleidsregels risicoverevening 2025
AVI 1 Het Zorginstituut baseert het geraamde aantal verzekerden per zorgverzekeraar voor het criterium AVI op: a.de indeling in AVI-klassen 2025 zoals weergegeven in het referentiebestand dat is opgenomen in Bijlage 12 van deze Beleidsregels; b.de leeftijd volgens het PKB 2023; c.de zelfstandigen volgens het zelfstandigenbestand 2024; d.de zelfstandigen volgens het zelfstandigenbestand 2023; e.de duurzaam en volledig arbeidsongeschikten, de overige arbeidsongeschikten, de bijstandsgerechtigden, de werklozen en de loontrekkers volgens het UWV-bestand met peildatum 30 juni 2023 en de eerdere UWV-bestanden tot en met 2018; f.de studenten en hoogopgeleiden volgens de opgave van DUO per gepseudonimiseerd burgerservicenummer met peildatum 1 juni 2023; g.het gepseudonimiseerde adres per gepseudonimiseerd burgerservicenummer in het belastingdienstbestand over 2023; h.het gepseudonimiseerde adres in het PKB 2023 in het geval een verzekerde niet is opgenomen in het belastingdienstbestand over 2023; en i.de historische indeling van AVI uit 2018 tot en met 2022. 2 Het Zorginstituut koppelt de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b tot en met i, met het gepseudonimiseerde burgerservicenummer aan het PKB 2023 en bepaalt daarmee en met inachtneming van Bijlage 12 van deze Beleidsregels, in welke AVI-klasse een verzekerde wordt ingedeeld. 3 Vervolgens koppelt het Zorginstituut de verzekerden aan het PER 2024, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie constant blijft. 4 Het Zorginstituut herschaalt het geraamde aantal verzekerden voor het criterium AVI naar de macroverzekerdenraming, waarbij de verzekerden een zodanige zwaarte krijgen dat de relatieve prevalentie per AVI-klasse constant blijft.