Huidige tekst
Artikel 4 Beleidsregel tenaamstellingsloket snelle motorboten
- 1
De Dienst Wegverkeer trekt de toestemming in, indien degene aan wie de toestemming is verleend, daarom verzoekt.
- 2
De Dienst Wegverkeer kan bepalen dat na indiening van het verzoek om de toestemming in te trekken dit verzoek gehonoreerd wordt na het verstrijken van de tijdsduur van minimaal een jaar.
- 3
De Dienst Wegverkeer kan de toestemming intrekken of wijzigen indien degene aan wie de toestemming is verleend: a.niet meer voldoet aan de voor de verleende toestemming gestelde eisen, b.de verplichtingen, vervat in artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, niet nakomt, of, c.handelt in strijd met een of meer andere uit de verleende toestemming voortvloeiende verplichtingen.
- 4
De Dienst Wegverkeer kan in de gevallen, bedoeld in het derde lid, de toestemming tijdelijk schorsen voor een door hem daarbij vast te stellen termijn die ten hoogste twaalf weken bedraagt.
- 5
De Dienst Wegverkeer kan in de gevallen, bedoeld in het eerste en derde lid, bepalen dat een wachttijd geldt voor het aanvragen van toestemming van maximaal 30 maanden.
- 6
Bij door de Dienst Wegverkeer vast te stellen beleid kunnen nadere regels worden vastgesteld met betrekking tot het intrekken, wijzigen en schorsen van de toestemming.