Huidige tekst
Artikel 4.4 Beleidsregel binnenvaart 2013
- 1
Voor de constructie van vensters gelden de volgende eisen: a. in positie 1: 1°. de vensters kunnen niet geopend worden; 2°. de constructie van de frames van ramen voldoet aan de norm NEN-ISO 3903 Type E zware uitvoering. De nominale grootte bedraagt niet meer dan 1100x800 mm dan wel 800x1100 mm; en 3°. de constructie van de frames van lichtranden voldoet aan de norm NEN-ISO 1751 Type B half-zware uitvoering. b. in positie 2: 1°. de vensters kunnen geopend worden maar zijn volledig waterdicht afsluitbaar; 2°. de constructie van de frames van ramen voldoet aan de norm NEN-ISO 3903 Type F lichte uitvoering. De nominale grootte bedraagt niet meer dan 1100x800 mm dan wel 800x1100 mm; en 3°. de constructie van de frames van lichtranden en patrijspoorten voldoet aan de norm NEN-ISO 1751 Type C lichte uitvoering; c. in positie 3: 1° de vensters kunnen geopend worden; en 2° de constructie van de frames is voldoende sterk. Ten genoegen van de minister of de commissie van deskundigen wordt dat aangetoond; d. in positie 4: 1° de vensters kunnen geopend worden; en 2° er zijn geen eisen van kracht met betrekking tot de constructie van de frames. Indien op een hoogte van 1 m boven het dek een valbescherming aanwezig is en tevens de oppervlakte van het venster niet meer dan 1 m 2 bedraagt, is toegestaan dat vensters in een rubberprofiel gevat zijn.