Belastingwet BES

Huidige tekst

Artikel 8.56 Belastingwet BES

Geldt sinds 1 januari 2011

Bodemrecht 1 Derden die geheel of gedeeltelijk recht menen te hebben op roerende zaken waarop ter zake van de belastingschuld beslag is gelegd of die een recht van terugvordering hebben jegens degene die een zaak onrechtmatig of van een onbevoegde heeft verkregen, kunnen verzet in rechte doen tegen de inbeslagneming vóór de verkoop en uiterlijk binnen zeven dagen te rekenen vanaf de dag van beslaglegging. 2 Derden kunnen echter nimmer verzet in rechte doen tegen de inbeslagneming van roerende zaken, tot stoffering van een huis of ten gebruike van het bedrijf dienende, alsmede van ingeoogste vruchten, wanneer die zaken of vruchten zich tijdens de inbeslagneming bevinden in het bezit van de schuldenaar of in het huis, in de bedrijfsruimte of op het erf, door hem bewoond of bij hem in gebruik.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:OGEABES:2019:39Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 14 augustus 2019 (civiel recht)

    Bodembeslag. Eiseres is ontvankelijk, maar haar eigendomsaanspraken zijn niet aannemelijk. Ook onder de Belastingwet BES zijn voertuigen geen bodemzaken.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.