Arbeidsverdrag tussen Nederland en Frankrijk

Huidige tekst

Artikel 8 Arbeidsverdrag tussen Nederland en Frankrijk

Geldt sinds 21 mei 1954

Alle klachten der arbeiders, zowel die met betrekking tot de arbeidsvoorwaarden, die hun worden toegekend door de werkgevers, als die ten aanzien van de bestaansvoorwaarden, zullen, zonder onderscheid of deze in de taal van het land van verblijf of in de taal van de arbeider zijn opgesteld, hetzij rechtstreeks, hetzij door tussenkomst van de diplomatieke of consulaire ambtenaren worden medegedeeld of overgebracht aan de bevoegde overheid van het land waar zij verblijven; de bevoegde administratie van dit land zal bij uitsluiting bevoegd zijn tot het vereiste onderzoek over te gaan en tussenbeide te komen voor het bereiken van een minnelijke oplossing. Iedere Regering zal aan haar diplomatieke vertegenwoordiging bij de andere Staat een specialist kunnen toevoegen voor arbeids-, emigratie- of sociale vraagstukken en voor het onderhouden van contact met de bevoegde overheden van het land, waarheen de arbeiders van het andere land geëmigreerd zijn. De beide regeringen zullen de taak van deze attaché's vergemakkelijken. De bepalingen van dit artikel brengen generlei wijziging in de bevoegdheden der consuls, gelijk deze volgen uit de verdragen en overeenkomsten en de wetten van het verblijfsland.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Er zijn nog geen uitspraken aan dit artikel gekoppeld.

Zoek op deze artikelverwijzing

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.