Uitspraak · Burgerlijk procesrecht

Rechtbank Rotterdam, 13 februari 2026

ECLI:NL:RBROT:2026:1449Zaaknummer 11941104 CV EXPL 25-23081

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
24 februari 2026
Zaaknummer
11941104 CV EXPL 25-23081
Rechtsgebied
Civiel recht, Burgerlijk procesrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verwijzing van Kanton naar Handel.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

verwijst de zaak naar de rol van het team handel en haven van woensdag 25 februari 2026 om 10.00 uur, zodat zich namens iedere partij een advocaat kan stellen;

3.2.

draagt de griffier op de processtukken en een kopie van dit vonnis op tijd voor genoemde rolzitting te sturen aan de griffier van het team handel en haven van deze rechtbank.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.

33394

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam

zaaknummer: 11941104 CV EXPL 25-23081

datum uitspraak: 13 februari 2026

Vonnis van de kantonrechter

in de zaak van

[eiseres],

woonplaats: [woonplaats 1], gemeente [gemeente 1],

eiseres,

gemachtigde: mr. C.G.A. Mattheussens,

tegen

[gedaagde],

woonplaats: [woonplaats 2], gemeente [gemeente 2],

gedaagde,

gemachtigde: mr. M. Kalle.

De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1 De procedure

1.1.

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

  • de dagvaarding van 17 oktober 2025, met bijlagen;
  • het antwoord, met bijlagen;
  • de akte van [eiseres];
  • de antwoordakte van [gedaagde].

2 De beoordeling

Kantonrechter niet bevoegd

2.1.

De kantonrechter is niet bevoegd om deze zaak te behandelen. [eiseres] eist meer dan € 25.000,- en de zaak gaat niet over een onderwerp dat altijd door de kantonrechter moet worden behandeld (artikel 93 onder c en d Rv).

2.2.

In de dagvaarding schreef [eiseres] dat de kantonrechter toch bevoegd is, op basis van het samenlevingscontract. Inmiddels zijn de partijen het er (terecht) over eens dat dit niet het geval is.

2.3.

[gedaagde] wil dat de kantonrechter deze zaak toch behandelt. Dat kan alleen als [eiseres] dat ook wil (artikel 96 Rv). Dat is niet het geval. Daarom maakt dit de kantonrechter ook niet bevoegd.

Zaak naar team handel en haven

2.4.

De kantonrechter verwijst de zaak daarom naar het team handel en haven van deze rechtbank (artikel 71 Rv).

Advocaat verplicht

2.5.

De partijen mogen bij team handel en haven niet zelf procederen. Een advocaat is verplicht (artikel 79 Rv). De kantonrechter verwijst de zaak naar de zitting van woensdag 25 februari 2026 om 10.00 uur. Op die zitting kan een advocaat zich stellen namens iedere partij.

[eiseres] moet meer griffierecht betalen

2.6.

Doordat de kantonrechter de zaak verwijst geldt een griffierecht van € 1.374,-. [eiseres] heeft al € 732,- aan griffierecht betaald. De verhoging van € 642,- moet betaald zijn binnen vier weken na de eerste roldatum bij team handel en haven (artikel 3 Wet griffierechten burgerlijke zaken). Daarvoor verstuurt het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak (LDCR) een factuur aan [eiseres].

[gedaagde] moet nu ook griffierecht betalen

2.7.

Doordat de kantonrechter de zaak verwijst moet [gedaagde] griffierecht betalen van € 1.374,-. Dat bedrag moet betaald zijn binnen vier weken na de eerste roldatum bij team handel en haven. Daarvoor verstuurt het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak (LDCR) een factuur aan [gedaagde].

2.8.

De kantonrechter wijst [gedaagde] erop dat een persoon die een laag inkomen en weinig vermogen heeft, mogelijk minder griffierecht hoeft te betalen. [gedaagde] moet wel zelf aangeven dat hij in aanmerking wil komen voor het lage tarief. Daarbij moet een kopie van een toevoeging of inkomensverklaring van de Raad van de Rechtsbijstand worden meegestuurd. Als die stukken nog niet beschikbaar zijn, moet een kopie van de aanvraag worden meegestuurd (artikel 16 Wgbz).

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

verwijst de zaak naar de rol van het team handel en haven van woensdag 25 februari 2026 om 10.00 uur, zodat zich namens iedere partij een advocaat kan stellen;

3.2.

draagt de griffier op de processtukken en een kopie van dit vonnis op tijd voor genoemde rolzitting te sturen aan de griffier van het team handel en haven van deze rechtbank.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.

33394

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.