Uitspraak · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 20 maart 2020

ECLI:NL:RBDHA:2020:2594Zaaknummer NL20.6003

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
20 maart 2020
Publicatiedatum
25 maart 2020
Zaaknummer
NL20.6003
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Vreemdelingenrecht
Procedure
Voorlopige voorziening
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Het beroep is ongegrond verklaard. Er is daarom geen voorlopige voorziening meer nodig.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Veelen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.A. Faulborn, griffier.

Deze uitspraak is openbaar gemaakt door middel van publicatie op www.rechtspraak.nl. Deze uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [naam verzoeker] , verzoeker
  2. Procesverloop
  3. Overwegingen
  4. Beslissing

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL20.6003

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam verzoeker] , verzoeker

V-nummer: [nummer]

(gemachtigde: mr. A. Jhingoer),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. S.F.E. Verdonck).

Procesverloop

Bij besluit van 6 maart 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat België verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1. Na telefonisch overleg en verkregen toestemming van partijen, bepaalt de rechtbank op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft.

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL20.6002, heeft de rechtbank het beroep in de bodemzaak waarover dit verzoek om voorlopige voorziening gaat ongegrond verklaard.

3. De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om voorlopige voorziening af. Omdat de rechtbank het beroep ongegrond heeft verklaard, is namelijk geen voorlopige voorziening meer nodig.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Veelen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.A. Faulborn, griffier.

Deze uitspraak is openbaar gemaakt door middel van publicatie op www.rechtspraak.nl. Deze uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.