Uitspraak · Europees strafrecht

Rechtbank Amsterdam, 20 september 2022

ECLI:NL:RBAMS:2022:8111Zaaknummer 13/189919-22

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
20 september 2022
Publicatiedatum
10 januari 2023
Zaaknummer
13/189919-22
Rechtsgebied
Strafrecht, Europees strafrecht
Procedure
Eerste en enige aanleg
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Tjechisch EAB ter vervolging - overlevering toegestaan

8 Beslissing

STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan de District Court in Blansko (Tsjechië) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.

Aldus gedaan door

mr. J.G. Vegter, voorzitter,

mrs. M.C. Eggink en D.P. Hein, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier,

en uitgesproken ter openbare zitting van 20 september 2022.

Mr. D.P. Hein is buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
  2. 1 Procesgang
  3. 2 Identiteit van de opgeëiste persoon
  4. 3 Standpunt verdediging
  5. 4 Grondslag en inhoud van het EAB
  6. 5 Strafbaarheid
  7. 6 Slotsom
  8. 7 Toepasselijke wetsartikelen
  9. 8 Beslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/189919-22 (EAB II)

RK nummer: 22/3745

Datum uitspraak: 20 september 2022

UITSPRAAK

op de vordering ex artikel 23 Overleveringswet (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 3 augustus 2022 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).

Dit EAB is uitgevaardigd op 25 juli 2022 door de District Court in Blansko (Tsjechië) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:

[opgeëiste persoon]

geboren te [geboorteplaats] (Tsjecho-Slowakije) op [geboortedag] 1988

zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland

gedetineerd in [detentieplaats]

hierna te noemen de opgeëiste persoon.

1 Procesgang

Zitting 31 augustus 2022

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 31 augustus 2022. Het verhoor heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. K van der Schaft en de gemachtigde raadsman van de opgeëiste persoon. De opgeëiste persoon heeft afstand gedaan van zijn recht ter zitting aanwezig te zijn.

Het onderzoek ter zitting is geschorst om de opgeëiste persoon in verband met zijn geestelijke gesteldheid in de gelegenheid te stellen de behandeling van zijn zaak via een videoverbinding bij te wonen.

Zitting 6 september 2022

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 6 september 2022. Het verhoor heeft via een videoverbinding plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie

mr. K van der Schaft. De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsman, mr. T. Nieuwburg, advocaat te Amsterdam en door een tolk in de Tsjechische taal.

2 Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Tsjechische nationaliteit heeft.

3 Standpunt verdediging

De raadsman heeft geen weigeringsgronden aangevoerd en heeft opgemerkt dat de medische toestand van de opgeëiste persoon aan de orde dient te komen bij de feitelijke overlevering.

4 Grondslag en inhoud van het EAB

In het EAB wordt melding gemaakt van een aanhoudingsbevel van de District Court in Blansko van 25 juli 2022 (1T 18/2022-312).

De overlevering wordt verzocht ten behoeve van een door de justitiële autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat ingesteld strafrechtelijk onderzoek ter zake van het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een naar Tsjechisch recht strafbaar feit.

Dit feit is omschreven in onderdeel e) van het EAB.

5 Strafbaarheid

Feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist

De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als een feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a 2°, OLW zijn neergelegd.

De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.

Het feit levert naar Nederlands recht op:

diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.

6 Slotsom

Nu is vastgesteld dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW, er ook overigens geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg staan en er geen sprake is van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven, dient de overlevering te worden toegestaan.

7 Toepasselijke wetsartikelen

Artikel 311 Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2, 5 en 7 OLW.

8 Beslissing

STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan de District Court in Blansko (Tsjechië) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.

Aldus gedaan door

mr. J.G. Vegter, voorzitter,

mrs. M.C. Eggink en D.P. Hein, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier,

en uitgesproken ter openbare zitting van 20 september 2022.

Mr. D.P. Hein is buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen.

Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.