Conclusie · Strafrecht

Parket bij de Hoge Raad, 9 juni 2015

ECLI:NL:PHR:2015:1491Zaaknummer 14/00665

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum conclusie
9 juni 2015
Publicatiedatum
17 september 2015
Zaaknummer
14/00665
Rechtsgebied
Strafrecht
Soort
Conclusie

Inhoudsindicatie

Profijtontneming. Kennelijke misslag Hof bij berekening w.v.v. waardoor bedrag te hoog is vastgesteld. HR verbetert de schatting van het totale bedrag en de daaruit voor de betrokkene voortvloeiende betalingsverplichting. HR merkt nog op dat een kennelijke misslag als i.c. zich bij uitstek voor herstel door het Hof zelf leent, nu het immers om een onmiddellijk kenbare fout gaat die zich voor eenvoudig herstel leent door de rechter(s) die op de zaak heeft/hebben gezeten overeenkomstig hetgeen de HR heeft beslist in zijn arresten ECLI:NL:HR:2010:BJ7243, NJ 2012/48 en ECLI:NL:HR:2012:BW1478, NJ 2012/490). Deze wijze van herstel verdient de voorkeur, omdat daardoor ondubbelzinnig - en op kortere termijn - duidelijkheid komt te bestaan omtrent de voor tenuitvoerlegging vatbare beslissing.

Volledige tekst

Nr. 14/00665 P Zitting: 9 juni 2015Mr. Hofstee Conclusie inzake: [betrokkene] [_86a90aa7-0d95-41d4-b46a-1d4dfb9ae11c]

1. Het Gerechtshof Amsterdam heeft bij arrest van 22 januari 2014 het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op € 901.995,29 en, na aftrek van € 15.000,00 wegens overschrijding van de redelijke termijn, aan de betrokkene ter ontneming van dat wederrechtelijk verkregen voordeel de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van afgerond € 886.900,00.

2. Namens de betrokkene heeft mr. F.P. Slewe, advocaat te Amsterdam, een middel van cassatie voorgesteld.

3. Het middel klaagt dat het Hof het wederrechtelijk verkregen voordeel, en daarmee de opgelegde betalingsverplichting, door een optelfout heeft vastgesteld op een te hoog bedrag.

4. De bestreden uitspraak houdt, voor zover voor de beoordeling van het middel van belang, in[_05569ed2-b32b-48d2-b096-3bd9cafb578e]:

“

Andere uitgaven
Auto'sf430.230,61
Meubelenf 80.555.89
Elektrische apparatenf 15.220,01
Vakantiesf 53.109,00
Kosten m.b.t. pandenf 8.271,74
Telefoonkostenf 18.107,69
Verzekeringenf 45.917,22
Sieradenf236.320,00
Luxemburgf560.000,00
Overigf 47.319,53
Totaalf 1.658.021,78

”

5. Het middel klaagt terecht dat het totaal van de onder het kopje “Andere uitgaven” genoemde bedragen niet f 1.658.021,78 bedraagt, maar f 1.495.051,69. De Hoge Raad kan zelf het bedrag waarop het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat en de betalingsverplichting verminderen met het verschil tussen beide bedragen, te weten een bedrag van € 73.952,60 (f 162.970,09: 2,20371). Dat betekent dat het bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel dient te worden vastgesteld op € 828.042,69 en de betalingsverplichting op € 828.042,69 - € 15.000[_d25ae5b2-d6de-40e6-8fa8-601880438545] = € 813.000 (afgerond).

6. Gronden waarop de Hoge Raad gebruik zou moeten maken van zijn bevoegdheid de bestreden uitspraak ambtshalve te vernietigen, heb ik niet aangetroffen.

7. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de hoogte van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel en van de opgelegde betalingsverplichting, en tot zodanige op art. 440 Sv gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.