Uitspraak · Insolventierecht
Hoge Raad, 19 januari 2001
ECLI:NL:HR:2001:AA9561Zaaknummer R00/128HR
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 19 januari 2001
- Publicatiedatum
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- R00/128HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Civiel recht, Insolventierecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
-
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H.J. Mijnssen, als voorzitter en de raadsheren W.H. Heemskerk, A.E.M. van der Putt-Lauwers, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 19 januari 2001.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
19 januari 2001
Eerste Kamer
Nr. R00/128HR
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker], wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. M.J. van Basten Batenburg.
1. Het geding in feitelijke instanties
Bij vonnis van 3 augustus 1999 heeft de Rechtbank te Utrecht op de voet van art. 287 Fw. de definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling uitgesproken ten aanzien van verzoeker tot cassatie - verder te noemen: verzoeker - en mr. A.C. Huisman tot bewindvoerder benoemd.
De bewindvoerder heeft bij brief van 9 maart 2000 verzocht de toepassing van de schuldsaneringsregeling bij vonnis te beëindigen en een rechter-commissaris en een curator te benoemen, aangezien verzoeker vanaf het moment dat de beëindiging in kracht van gewijsde is gegaan, van rechtswege in staat van faillissement verkeert.
Na behandeling ter terechtzitting van 22 augustus 2000 heeft de Rechtbank bij vonnis van 23 augustus 2000 de toepassing van de schuldsaneringsregeling beëindigd, mr. T.J. Jansen Schoonhoven tot rechter-commissaris benoemd en mr. A.C. Huisman tot curator.
Tegen dit vonnis heeft verzoeker hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam. Hij heeft verzocht het vonnis van de Rechtbank te Utrecht van 23 augustus 2000 te vernietigen en alsnog de schuldsaneringsregeling op verzoeker van toepassing te verklaren, met benoeming van een andere bewindvoerder en in het geval de schuldsaneringsregeling wel beëindigd dient te blijven, met de benoeming van een andere curator dan door de Rechtbank is benoemd.
Na behandeling ter terechtzitting van 12 september 2000 heeft het Hof bij arrest van diezelfde datum de beslissing waarvan beroep bekrachtigd.
Het arrest van het Hof aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het Hof heeft verzoeker beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De bewindvoerder heeft bij brief van 18 oktober 2000 op het verzoekschrift tot cassatie gereageerd.
De conclusie van de Advocaat-Generaal Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De middelen falen op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaar-Generaal Langemeijer.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H.J. Mijnssen, als voorzitter en de raadsheren W.H. Heemskerk, A.E.M. van der Putt-Lauwers, H.A.M. Aaftink en O. de Savornin Lohman, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.H. Heemskerk op 19 januari 2001.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2001:AA9561 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2001:AA9561 Parket bij de Hoge Raad, 19 januari 2001 (insolventierecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.