Uitspraak · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden, 23 mei 2001
ECLI:NL:GHLEE:2001:ZJ0153Zaaknummer WAHV 01-00139
- Instantie
- Gerechtshof Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 23 mei 2001
- Publicatiedatum
- 8 april 2013
- Zaaknummer
- WAHV 01-00139
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Strafrecht, Bestuursrecht, Bestuursstrafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Leeuwarden
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
-
4. De beslissing
Het gerechtshof:
verklaart de betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr Vellinga, in tegenwoordigheid van mr Bennen, als griffier en uitgesproken ter openbare zitting.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
WAHV 01/00139
23 mei 2001
CJIB 32178924
Gerechtshof te Leeuwarden
Arrest
op het hoger beroep tegen de beslissing
van de kantonrechter te Rotterdam
van 23 februari 2001
betreffende
[naam] (hierna te noemen: betrokkene),
wonende te [plaatsnaam].
1. De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam gedeeltelijk gegrond verklaard en de opgelegde sanctie gematigd tot f 90,--. De beslissing van de kantonrechter is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2. Het procesverloop
De betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De betrokkene heeft schriftelijk een nadere toelichting gegeven op het beroep.
De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een reactie te geven op de nadere toelichting op het beroep. Van deze gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
3. Beoordeling
3.1. Ingevolge het bepaalde in artikel 14 WAHV kan tegen de beslissing van het kantongerecht hoger beroep bij het gerechtshof te Leeuwarden worden ingesteld, indien de opgelegde administratieve sanctie bij die beslissing meer bedraagt dan ƒ 150,--, of indien de betrokkene niet-ontvankelijk is verklaard wegens het niet of niet tijdig stellen van zekerheid als bedoeld in art. 11, derde lid, WAHV. De aan de betrokkene opgelegde sanctie bedraagt ƒ 90,--. Art. 14 WAHV biedt de betrokkene derhalve in het onderhavige geval niet de mogelijkheid van hoger beroep.
3.2. De betrokkene stelt dat hij toch dient te worden ontvangen in zijn hoger beroep, nu de kantonrechter ter zitting van 23 februari 2001 aan hem zou hebben medegedeeld, dat dit rechtsmiddel voor hem open staat.
3.3. Art. 14 WAHV bepaalt in welke gevallen tegen een beslissing van de kantonrechter een rechtsmiddel kan worden ingesteld. Dit voorschrift is van openbare orde. Ook al zou de kantonrechter bij de betrokkene het vertrouwen hebben gewekt dat hij bij een opgelegde administratieve sanctie van f 90,-- in hoger beroep kon gaan, dan brengt dit nog niet mee dat de betrokkene hierin dient te worden ontvangen. Nu volgens de wet geen rechtsmiddel open staat, komt de betrokkene door hem niet in zijn hoger beroep te ontvangen immers niet in een nadeliger positie dan indien dat vertrouwen niet zou zijn gewekt.
4. De beslissing
Het gerechtshof:
verklaart de betrokkene niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr Vellinga, in tegenwoordigheid van mr Bennen, als griffier en uitgesproken ter openbare zitting.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.